Oceanië

Artikelindex

Woensdag 17 septemberTari
Vandaag bezoeken we de Huli-stam in de omgeving van Tari. We rijden eerst door Tari, dat inderdaad niet veel voor stelt. Er is dagelijks een markt met kraampjes en er is veel volk op de been. Men verkoopt vooral tweedehands kleding. Darten is een populair tijdverdrijf. Het lijkt veel op ons darten, maar men staat een heel stuk verder van het bord af. Hier in de stad loopt een enkele traditioneel geklede man. Dit is de enige plaats in PNG waar die je nog ziet.
Overal waar we kijken, zijn kleiwallen gemaakt, variërend van een halve tot 2 meter hoog. Deze zijn bedoeld om dieren buiten te houden en het erf af te bakenen. In tijden van oorlog kan men zich hier achter verstoppen. In de wallen zitten toegangspoorten van palen. Door een kleine opening kom je vervolgens bij de bijbehorende huizen.
Godenstenen, PapoeaBij Lakwanda woont de Huli-stam. Een mooi beschilderde man met grote tooi wacht ons, al blazend op een grote bamboefluit, op. Hij spreekt een taal waar je niets, maar dan ook helemaal niets van verstaat. Hij spreekt ook geen Pisin, maar we hebben een tolk bij ons. Hij heet ons welkom en vertelt het een en ander over zijn kleding en hoofdtooi. Alles komt uit de natuur. Op hun voorhoofd dragen ze een riempje van slangenhuid, kasuarishuid zit om het schaamdeel, het gezicht is traditioneel rood en geel geverfd, waarvan de kleurstof afkomstig is van planten, een kina-schelp hangt om de nek, een mooie riem gevlochten van grassen om het middel, een bilum (tasje) van planten en dierenvellen, aan de achterkant dragen ze langgras (tankel of arce grass).
Achter een hekje liggen ronde stenen met een diameter van 15 centimeter. Voor de komst van de missionarissen en de regering geloofde men, dat deze stenen goden waren. Ze werden ingesmeerd met varkensvet en dan konden de priesters met de goden praten. Slechts enkele zijn bewaard gebleven. Die liggen nu in een grotje op een zware moedersteen met twee ronde kiezels erbij.
Vooroudergraf, PapoeaIn de bosjes is een plaats vrijgemaakt voor een houten bouwsel van een meter breed, een paar meter lang en anderhalve meter hoog. Eerst klopt de man al mompelend met een paar houten stokken op het bouwsel en dan mag het rieten rekje ervoor omhoog. Nu worden schedels zichtbaar van zes generaties mannen. Ze zijn fel geel en rood beschilderd. Een stukje lager liggen varkenskaken. Mensen schenken varkens en dan voorspelt deze man de toekomst. Hij wil dat voor ons ook doen. Een schedel wordt op een grote baar gelegd. Als hij deze met alleen zijn beide pinken op kan tillen, is dat goed nieuws. Heeft hij er de volle twee handen voor nodig, komt er ramp en tegenspoed.
Lia koopt een lange, rijk gedecoreerde ketting voor 30 kina. Er zitten allerlei verschillende kleuren kralen en schelpjes in.
We lopen verder en de man toont ons een graf zoals dat vroeger gebruikt werd. Het staat op palen van een meter hoog en de grootte is afhankelijk van het te begraven lichaam. Na een jaar wordt het skelet er uit gehaald en op een rituele plaats bewaard. De schedel apart van de rest van de botten.
Verderop staat een kastje met een grote beschilderde plank er voor. Als die omhoog getild wordt, worden drie schedels zichtbaar. Ook deze zijn geel en rood beschilderd. In de buurt van kerst worden ze vaak overschilderd.
We lopen een stukje naar de volgende huizen. Onderweg komen we een traditionele man tegen die niet op de foto wil. We vragen hem wel van alles over zijn kledij en zijn enorme veren op zijn hoofd. Na een poosje vraagt hij zelf of we foto's willen maken.
Huli Wigman, PapoeaBij de huizen zijn mannen bezig zich op te maken. Ook hier zijn spiegeltjes aanwezig om alles te kunnen zien. De een gebruikt een stokje, de ander zijn vinger, en nog een ander een tandenborstel. Grappig. Allemaal dragen ze prachtige tooien met veren van paradijsvogels en papegaaien. De een is nog mooier dan de ander. Eentje heeft er een tooi van ruim een meter hoog. Ze dansen en slaan op trommels. Twee mannen zijn anders beschilderd en hebben gedroogde bladeren gevuld met bonen. Zij zijn de medicijnmannen.
Iedereen is, net als overal trouwens, erg aardig en ze poseren allemaal geduldig voor de foto's.

Donderdag 18 septemberTari
Eerst gaan we vogels spotten, maar 6:00 uur is al te laat en we zitten ook niet ver genoeg het bos in. Dat kan niet met onze bus. Het verwondert ons dan ook niet, dat we niets zien.
Na het ontbijt rijden we naar Tarapa om de Huli Wigmen te zien. Dat is de stam, die van het eigen hoofdhaar ceremoniële pruiken maakt. De jongemannen laten het haar groeien vanaf de puberteit groeien en alleen haar dat vòòr het trouwen is gegroeid, mag worden gebruikt. Tijdens die periode wonen ze geïsoleerd van de andere mensen. Om de groei te bespoedigen komen de jongens naar dit dorp. Een speciaal opgeleide man, de master Wigman, wordt een varken betaald en die voert dan rituelen uit. Huli Wigman, PapoeaDe jongens moeten uit bamboehulzen drinken en dat spul blazen ze twee maal recht omhoog zodat dat op hun haar terecht komt. Daarna dompelen ze bladeren in de waterplas en besprenkelen hun haar daarmee. Na een maand of zes wordt het geknipt en voor een hoofddeksel gebruikt. De jongens kunnen dat wel een keer of zes doen. Daarna mogen ze trouwen.
De master Wigman vertelt ons zijn verhaal in zijn taal. Een tolk vertaalt dat naar een andere lokale taal, weer een ander vertaalt dat in het Pisin en Felix tenslotte vertelt het ons in het Engels. Het is allemaal niet zo eenvoudig!
In de meeste gemeenschappen staan aparte mannen-, vrouwen-, kippen- en varkenshuizen. Zo'n hutje is niet meer dan een stookplaats in het midden en verhogen langs de kant waar men op slaapt. Men heeft eigenlijk helemaal niets. Vroeger stonden de mannenhuizen ver weg van de vrouwen. Overal wordt groente verbouwd. Alles staat kris kras door elkaar; men heeft plaats genoeg. Mannen mogen meer vrouwen nemen, maar vrouwen mogen slechts een man tegelijk hebben. Onvruchtbaarheid is een reden tot echtscheiding en komt geregeld voor. De man zal dan proberen om de bruidschat, meestal varkens, die aan haar familie is betaald, proberen terug te krijgen.
's Middags wandelen we naar een waterval in de buurt. In anderhalf uur zijn we uit en thuis. Een mooie wandeling over smalle, glibberige paadjes met veel groen, wat paddenstoelen en soms wat rode besjes. We worden alleen nat van het water van de waterval, voor de rest blijft het droog.

Vrijdag 19 septemberNaar Mount Hagen
Omdat de vluchten van Tari naar Port Moresby niet of later vliegen als het mistig is in de vallei, en dat gebeurt nogal eens, vliegen wij terug vanaf Mount Hagen. We kunnen het risico niet nemen om de vlucht 's middags naar Singapore te missen.
Tegen achten vertrekken we met de bus naar Mount Hagen en nemen dezelfde weg als we gekomen zijn. Felix koopt op de markt in Mendi lunch voor ons: witte stevige broodjes, banaan en ananas. Wij mogen niet mee de markt op en de raampjes van de bus moeten dicht. Ook de supermarkten zijn volgens hem niet veilig. Wij vragen ons af of het echt zo erg is.
Goed drie uur komen we in Mount Hagen aan en we zitten in hetzelfde hotel, alleen nu in het nieuwe deel. En hier zitten geen kakkerlakken. Een prettige bijkomstigheid.
Op de betelmarkt is het crisis. Door de stammenruzie is de wegblokkade nog steeds aanwezig en kunnen de auto's met de betelnoten er niet door. De hele handel ligt stil en iedereen krijgt ontwenningsverschijnselen. Als de blokkade eindelijk opgeheven is en er een eerste bus door komt, wordt die zowat geplunderd.
Wako vindt ons in het restaurant, betuigt zijn spijt over de keuze van Cyril als gids en betaalt ons alles terug.

Zaterdag 20 septemberNaar huis
We vliegen 's morgens eerst naar Port Moresby waar we de teruggekregen kina's omwisselen. Gelukkig hebben ze genoeg euro's in voorraad.
De laatste kina's maken we op aan cola en om 15:00 uur vliegen we in zes uur naar Singapore in een vol vliegtuig. Hier is twee uur tijdsverschil met PNG. We hebben nog wat vijfentwintig jaar oude Singapore dollars die niet meer in omloop zijn. We kunnen ze ruilen tegen de huidige briefjes. Dat valt ons mee. We doden de tijd met bier drinken tot het tijd is om naar Amsterdam te vliegen. Een half uur voor vertrek barst er een wolkbreuk los, maar die is weer voorbij als wij weggaan.

Zondag 21 septemberNaar huis
Net na middernacht vliegen we in dertien uur naar Nederland en verzetten voor de laatste keer onze klokjes. Dit maal zes uur. Door de thuiskomst op zondagmorgen is het lekker rustig in de trein.

Dit was een DimSum reis.