Azië

Zuid- en Noord-Korea

21 september t/m 17 oktober 2007

Korea werd in juni 1950 tijdens de Koreaanse oorlog in tweeën verdeeld waarbij Zuid-Korea werd gesteund door de VS en Noord-Korea door de USSR. Er loopt een bufferzone tussen de twee landen die vier kilometer breed is en aan beide kanten van deze best bewaakte grens ter wereld staan de legers klaar om zich te verdedigen tegen de vijand.
ZUID-KOREA is nu een democratisch land. De president wordt direct gekozen door het volk voor een periode van 5 jaar. Sinds de zestiger jaren van de vorige eeuw verhuisde de bevolking van het platteland naar de stedenf. Hierdoor woont momenteel meer dan 85% in Seoul en omgeving. Het is een van de rijkste landen in Azië.
NOORD-KOREA is nu een dictatuur. De bevolking is onder andere gedwongen de vorige en huidige voorzitter te vereren. Iedereen draagt een speldje van 'de grote leider' op de borst. Het is het meest gesloten land ter wereld en is sinds 1986 geopend voor toeristen. Het economisch beleid is mede gebaseerd op de Juche-ideologie, die er onder meer van uitgaat dat ieder land zichzelf kan en moet redden. Het is het armste land in Azië.

De grens tussen Noord en Zuid Korea (Panmunjom)

Vrijdag 21/Zaterdag 22 septemberNaar Seoul (Zuid-Korea)

Gisteren hebben we met de elektronische e-tickets al ingecheckt en vandaag hoeven we dus alleen maar de bagage af te geven. Stond daar bij een vorige reis een enorme rij, nu is er één iemand voor ons en zijn we binnen vijf minuten klaar. Zo snel is het nog nooit gegaan.
We gaan een biertje drinken en even later bellen Gerda en Carlo dat zij ook gearriveerd zijn. Met z'n vieren gaan we naar Zuid- en Noord-Korea. Bij Shilla Travel hebben we twee reizen laten combineren.
Om 18:35 uur vliegen we met KLM naar Seoul in tien uur. Het gaat allemaal erg vlot. Het Koreaanse avondeten in het vliegtuig smaakt prima; het ontbijt is een stuk minder. We komen om 11:30 uur (zeven uur tijdsverschil) aan en worden opgewacht door reisleidster Louise. Zij is een Koreaanse die op jonge leeftijd in Nederland is geadopteerd. Ze ziet er dus uit als iedereen hier, maar spreekt de taal niet. Dat vinden de mensen erg vreemd en daarom heeft ze het Koreaanse woord voor 'geadopteerd' geleerd.
Afgelopen dagen hebben er in Zuid- en Noord-Korea tyfonen gewoed die veel wateroverlast hebben veroorzaakt. Gelukkig zijn ze nu voorbij en wij zullen daar geen last van hebben. Het weer is prima: 20-22° en 's avonds valt een klein buitje. Sommige mensen kopen meteen een paraplu, maar ze weten niet, dat ze die de rest van de vakantie niet nodig zullen hebben.
We moeten een uurtje wachten op de groepsleden die met Korea Air aan zullen komen. Ondertussen pinnen we geld en kopen we water. Hier kunnen we maximaal 300.000 won (€ 240) pinnen. Een fles water van twee liter kost 1500 won.
We droppen onze spullen in het hotel, waarbij we er aan zullen moeten wennen, dat het hier niet gebruikelijk is om met je schoenen in de hotelkamer te lopen. In het halletje van je hotelkamer trek je ze uit.
We lopen wat rond door de buurt en komen al snel bij de KwangJang Market (ook wel GwangJang Market  genoemd) uit. Dit is een 'eetmarkt' met overal stalletjes en etende mensen. De Koreanen eten zo'n beetje de hele dag door. Het maakt dus niet uit hoe laat je ergens gaat eten. De markt loopt 's avonds om 20:00 uur af, maar de restaurants zijn dan nog open. We kijken onze ogen uit en besluiten meteen om hier morgen te gaan eten. Om 16:30 uur zijn we terug bij het hotel. Samen met de groep wandelen we door de buurt. We lopen langs de bakker, de supermarkt en de pinapparaten (die niet allemaal geld geven en regelmatig leeg zijn). We maken een introductiepraatje en gaan met z'n allen barbecueën.Straatbeeld Seoul Tafels voor vier personen met een grote plaat in het midden. Er staan allerlei schaaltjes op tafel en natuurlijk ontbreekt de kimchi niet. Dat is het landelijke koolgerecht dat men bij elke maaltijd eet. Er komen grote schalen varkens- en rundvlees op tafel die op de plaat gebakken worden. Dan neem je een blaadje sla, schep je uit de schaaltjes wat je er bij wilt eten, vlees er op, sla dichtvouwen en in je mond proppen. Wel in één keer anders ga je knoeien. Het bestek bestaat altijd uit metalen eetstokjes en een lepel. Een mes komt er niet aan te pas: de grote stukken vlees worden met een schaar in kleine hapklare brokken geknipt. De soep komt, samen de rijst, altijd als laatste. De Koreanen drinken er soju bij, het plaatselijke vuurwater (20-30 %). En men drinkt dat als water. Je moet altijd met twee handen dingen aangeven en aanpakken. Drank schenk je niet voor jezelf in, dat moeten anderen doen.
Na het eten drinken we met Gerard en Margot nog een biertje in een café in de buurt.

Zondag 23 septemberSeoul

Ondanks de muggen hebben we goed geslapen. Om 9:30 uur gaan we op zoek naar ontbijt, want de meeste hotels hebben geen restaurant en serveren dat dus niet. Veel winkels zijn dicht, maar we vinden dicht bij het hotel een lekkere broodjeszaak die ook koffie en vers vruchtensap verkoopt.
Het is 's morgens vrij zonnig en 's middags wordt het bewolkt. Wel is het zo warm, dat je in een shirtje de straat op kunt. Een deel van de groep gaat met Louise wandelen in de omgeving, maar wij gaan lekker met z'n vieren weg. Het verkeer is niet chaotisch en men rijdt rustig. Hier glipt nog wel eens een auto door een rood stoplicht, maar buiten Seoul wordt het nog rustiger. Voetgangers krijgen voorrang.>Jongmyo-parkEerst naar het Jongmyo-park, oftewel het 'oudemannetjes'park, waar, hoe kan het ook anders, alleen maar oude mannetjes zitten die spelletjes doen: Chinees schaken of go. Sommige partijen zijn erg spannend, denken we, want die hebben veel bekijks. Het grote park dat er bij hoort, vraagt 1000 won toegang p.p. Het is een oud paleisterrein met een aantal paleizen. Sommige zijn erg groot. Slechts enkele zijn er toegankelijk en daar is niet veel te zien. Er lopen verschillende mensen in de traditionele klederdracht, die je bij de ingang kunt huren. Via een loopbrug komen we bij de Changgyeonggung-paleis met nog meer tempelgebouwen. Het doet allemaal erg Chinees aan.
We lopen naar Insadong, een drukke winkelstraat. Overal staan kraampjes op straat met van alles en nog wat te koop. Vooral veel eten. Het ziet er overal netjes en schoon uit. Geen troep op straat. De mensen zijn erg vriendelijk en de meeste spreken geen woord Engels. Dat geldt ook voor het hotelpersoneel. We komen uit bij de Jogyesa-tempel, een erg kleurrijk geheel. Op het moment dat wij er zijn, zitten er veel mensen binnen en wordt er gezongen. Dan lopen we door naar het Gyeongbokgung-paleis. Jogyesa-tempelDit was tot 1592 de residentie van de koning. Er wordt momenteel een film opgenomen met mensen in de traditionele klederdracht. We kunnen er slechts een glimp van opvangen, want je mag er niet bijkomen. We lopen achter langs en ontdekken een poortje waar een bewaker bij staat. Als die even weg loopt, kijken we snel om het hoekje.
Weer terug op de Insadong gaan we naar een cafeetje op de derde verdieping voor thee en een biertje. De winkels en cafés liggen niet allemaal op straatniveau, dus we moeten regelmatig omhoog kijken. Verderop in de straat in een soort voorstelling van mensen met van die mooie kleren. Veel toeschouwers staan er om heen te kijken. Wij kunnen het verhaal niet volgen.KwangJang-markt 's Avonds eten we op de markt. We bestellen verschillende dingen en het bier moet ergens anders vandaan komen. De ene schotel smaakt goed, de andere minder. Bij hetzelfde terrasje als gisteren drinken we nog een biertje. Ze herkennen ons al (zoveel toeristen zijn hier niet) en ze staan al bijna klaar met de pullen. Weer terug in de hotelkamer zappen we even langs de zenders, die allemaal in het Koreaans zijn en raadt eens wat: PSV-Feijenoord wordt rechtstreeks uitgezonden. Wij zijn echter zo moe, dat Martijn alleen de eerste helft ziet. Lia valt meteen in slaap.

Maandag 24 septemberNaar Jeju

Het is 's morgens erg rustig op straat. En dat tijdens het spitsuur. Veel winkels op de Dongdaemun-market zijn ook dicht. We bedenken dat morgen een feestdag is, Chuseok, waarbij men de familie opzoekt. Het schijnt dat er nu veel mensen vrij zijn en naar familie reizen.
We proberen te pinnen, maar dat lukt niet. De banken die we proberen accepteren wel onze passen, maar geven geen geld. Misschien zijn ze leeg. We gaan in het 'oudemannetjes'park lekker in de schaduw zitten en kijken naar de mensen.
Om 12:00 uur vertrekken we naar de binnenlandse vluchthaven voor de vlucht naar Jeju, een eiland voor de zuidkust. Op het vliegveld kunnen we wel pinnen en ook gratis internetten. De mensen zijn erg vriendelijk en regelmatig zien we personeel naar ons en de andere reizigers buigen. Bij elke supermarkt staat wel iemand die de binnenkomende klanten toebuigt. We gaan koffie drinken. In de wachtruimte hangen overal grote tv-schermen. Men is dol op simpele tv zoals spelletjes en kinderprogramma's. Als wij vrij laat het vliegtuig in lopen, zit iedereen al en staat er geen rij van wachtende mensen zoals bij ons altijd het geval is. De stewardessen duwen hier iedereen meteen de stoelen in. Het is slechts drie kwartier vliegen. Als na de landing het lampje 'riemen vast' uit gaat, rent iedereen naar de uitgang alsof er brand is.
We rijden eerst naar de Mysterie Road. Dit is een stukje weg waarvan iedereen denkt dat deze omhoog loopt, maar hij gaat omlaag. De chauffeur stopt, zet de motor af en we rollen de 'berg' af.
Vervolgens bezoeken we de Boeddhistische Yakcheonsa-tempel. Dit is een nieuwe tempel van vier verdiepingen, gebouwd tussen 1987 en 1997 en is helemaal van hout gemaakt. Hij is van binnen indrukwekkend. In een bijgebouw staan 500 Arahans, beeldjes van monniken, die allemaal in een andere houding zitten. Erg mooi.
Ons motel in Seogwipo zit dicht bij de Cheonjiyeon-waterval en dus ook dicht bij de haven. Daar zitten verschillende restaurantjes. Vanuit de verte wijst Louise ons een visrestaurant, maar als we dichterbij komen, weten we niet welke ze bedoeld heeft. We komen natuurlijk in een andere terecht, maar daar hebben we helemaal geen spijt van. Het is groot en verlicht en ze hebben één keuze op het menu staan. Een combinatie van varkensvlees, makreel, rundvlees, vis in tempura en een heleboel schaaltjes daar om heen. Onbeperkt eten voor 10.000 won. Erg, erg lekker en heel leuk om zo te eten.
In het motel hebben ze alleen drie hele kleine (30-50 cm), hele dunne handdoekjes voor twee personen. Dat schijnt zo de rest van de reis te blijven. Ook een lakenzak zou handig zijn, want vaak is er alleen een soort sprei die als dekbed dient. Er zijn alleen tweepersoonsbedden en het dek is even groot als het bed.
Na het eten kopen we in de supermarkt het ontbijt voor morgenochtend: noedelsoep, brood met kaas, koffie en yoghurt. In elk hotel is geen ontbijt, maar wel koud en warm drinkwater te krijgen.

Dinsdag 25 septemberJeju

Om 9:00 uur vertrekken we voor een rondritje over het eiland. In het begin is er wat bewolking, later zonnig en warm. Wel met een lekker windje.
We gaan op zoek naar de 'vissende vrouwtjes', maar die laten zich niet zien. Waarschijnlijk vanwege de feestdag. Wel zien we een hele rij inktvissen te drogen hangen aan een waslijn. Seongsan-vulkaanWe gaan de vulkaan Seongsan Ilchulbong beklimmen. Hoewel, beklimmen is een groot woord: in een kwartiertje lopen we via de trappen 182 meter omhoog. Bovenaan hebben we mooi uitzicht over Jeju en Udo, een eilandje dicht voor de kust. De krater is niet veel bijzonders en bestaat uit een groene vlakte. Met de boot steken we over naar Udo. Terwijl de meeste mensen gaan fietsen, lopen wij naar een strandje aan de andere kant van het eiland. We krijgen een kaartje mee, maar daar kloppen de wegen helemaal niet op. Als we aan een automobilist de weg vragen, krijgen we meteen een lift aangeboden. De fietsers die even later bij het strand arriveren, snappen niet hoe wij daar eerder kunnen zijn. Er zijn wel wat tentjes waar je wat kunt drinken, maar die zijn dicht. En het strand is erg nat. Het weer wisselt vrij snel: even is het zo bewolkt dat je denkt dat het gaat regenen en vijf minuten later schijnt de zon weer. Het is wel altijd warm tot erg warm. Het eiland is erg klein en we lopen een heel eind op zoek naar een drankje. Uiteindelijk lukt dat en we drinken een heerlijk koud biertje in de schaduw. SeongeupIn een kwartier varen we weer terug naar Jeju en rijden we naar Seongeup, een folklore dorpje met choga's, traditionele huizen. Dit zijn lage huizen met een grasdak die bestand zijn tegen de harde wind die hier vaak waait. Twee stenen voorouderbeelden, de harubang, staan bij de ingang van het dorp en zijn het symbool van Jeju. Originele beelden met uitpuilende ogen, gesloten mond in rechte lijn, ronde neus en de handen voor de buik zijn gemaakt rond 1750, en niemand weet waarvoor ze dienden. De mensen van Jeju gebruiken drie lange palen bij de toegang van hun huizen. Als ze alle drie horizontaal liggen, betekent het dat men de hele dag weg is. Liggen er twee horizontaal en hangt er eentje aan een kant op grond dan komen ze later terug. Hangen er twee op de grond dan zijn ze even weg en bij drie is men thuis en is iedereen welkom.
's Avonds eten we weer in de haven. Nu bij een visrestaurant. Er staan een paar tafeltjes met stoelen, de rest zijn lage tafels waarbij je op de grond moet zitten. Wij kiezen voor de grond zoals de meeste Koreanen doen. Anderen van de groep die later ook komen, gaan aan tafel zitten.

Woensdag 26 septemberJeju

Om 9:00 uur wandelen we naar Oedolgae, de eenzame rots in zee. Harubang, voorouderbeeldenEen mooie trip hoog boven het water en grotendeels door bossen. Weer boven aan de weg nemen we een taxi naar het voetbalstadion waar ook het busstation is. Daar wordt door erg vriendelijke mensen informatie gegeven over de bussen. Eentje spreekt er Engels en schrijft op een briefje de Koreaanse naam van de plaats waar we naar toe willen zodat de buschauffeur het kan lezen en loopt met ons mee om kaartjes te kopen. We willen naar het Hendrik Hamel-monument. Hier staat een replica van het VOC-schip De Sperwer waarmee hij strandde voor de kust in de 17e eeuw en de eerste Nederlander in Korea was. Pas twintig jaar later kwam hij thuis en schreef een boek over zijn ervaringen. Elke Koreaan kent Hamel. Net als Guus Hiddink trouwens. In het schip is een kleine tentoonstelling aan hem gewijd. We denken dat het door hem komt, dat men hier in Korea Nederland gewoon 'Nederland' noemt en niet 'Holland' of 'The Netherlands' zoals overal elders het geval is.
We lopen langs de prachtige kustlijn om een grote rots heen, wat alleen bij laag water mogelijk is. Er zitten verschillende mensen te vissen en de rauwe vis wordt meteen verkocht en opgegeten. Niet door ons.
Aan de overkant van de weg staat een tempel en we lopen, erg zwetend, de vele trappen naar het simpele Boeddhabeeld Sanbanggulsa. Dit is een heilige plaats en het water uit de grot zou magische krachten bevatten. Weer beneden glijdt het koude bier er makkelijk in! Met de bus gaan we terug naar het stadion, waar we wat boodschappen doen bij een enorme supermarkt en we nemen de taxi terug naar het motel. 's Avonds gaan we terug naar het restaurant van de eerste avond. En op weg naar het motel drinken we op een terras nog een biertje. Er zitten heel wat Koreaanse gezinnen en de kleine kinderen gaan gewoon mee tot 's avonds laat.