Azië

Artikelindex

Donderdag 28 novemberNaar Banda Ai, naar Banda Run

Een hele rustige nacht zonder schommelingen.
Om 6:30 uur vertrekken we naar Banda Ai, 18 kilometer verder op. In het gelijknamige dorp krijgen we een rondleiding van een gids. Er zijn nog verschillende ruïnes van burchten uit de VOC-tijd: Revenge en Welvaren. Van beide is niet meer dan een toegangspoort overgebleven. Op het Nederlands kerkhof bij de ruïne van de oude kerk ligt een aantal graven van Nederlanders; de meeste erg overwoekerd. De teksten op de stenen zijn met enige moeite te lezen.KeiVocOok bezoeken we een nootmuskaatplantage. De enorme kenari-bomen zijn zeer indrukwekkend. De noten hiervan worden verzameld en zijn tegenwoordig meer waard dan de nootmuskaat zelf. De nootmuskaatvrucht bestaat uit vier delen: van de bast wordt een soort jam gemaakt, de foelie als kruid, een dun laagje dat gebruikt wordt bij het barbecueën en tenslotte de harde kern, het nootmuskaatbolletje zoals we dat bij ons kennen. We zien de vruchten in alle stadia. Vooral de rode foelie geeft het geheel een mooie kleur.
De gids vertelt ook, dat er drie à vier keer per jaar toeristen op het eiland komen.
Daarna gaan we snorkelen. Jammer dat het niet net zo zonnig is als gisteren. Dat maakt het water een stuk mooier en de vissen hebben dan meer kleur. Er zit heel veel vis. Sommigen wel een meter groot; heel veel verschillende soorten en alle kleuren van de regenboog. Ondanks het mindere weer hebben we vele meters zicht. Erg mooi.
We varen door naar Banda Run. Sommige mensen gaan naar een klein eilandje in de buurt met een mooi strand; daar blijkt eigenlijk niets te zien. Dus wij zijn blij met onze keuze om nogmaals te snorkelen. Ook nu is het regenachtig, maar ook weer heel mooi met heel veel vis.BandaZonWe vertrekken naar de Lease-eilanden (uitspraak: Lie-è-see) dat bij de Midden-Molukken hoort. Zowel Saparua als Nusa Laut horen hier bij. Het water is behoorlijk woelig en de koers wordt verlegd, zodat we een langere weg zullen varen met minder golven, zodat we minder schommelen.

Vrijdag 29 novemberNaar Nusa Laut, naar Saparua

Om 7:00 uur liggen we al voor anker voor Nusa Laut. Het bovendek is weer open. Als het regent of dreigt te gaan regenen, wordt dat gesloten. Het dek wordt dan spiegelglad en de relingen zijn er erg laag. Mooi weer dus vandaag.
We gaan bij Sila aan land en bezoeken Fort Beverwyk uit 1654. Vanaf een afstandje ziet het er goed uit, maar dichtbij blijkt het erg vervallen. Alleen de muren staan nog overeind. Het rieten dak bestaat alleen nog uit een paar stengels. We kunnen wel over een goede trap naar boven waar we mooi uitzicht over de baai hebben waar de Matahariku ligt. En we zien heel veel dolfijnen. Hele groepen zien we zwemmen en vele springen regelmatig een heel eind het water uit. Geweldig gezicht.
We wandelen het dorp door en zien kruidnagels, pepers, een hagedis, orchideeën, vriendelijke mensen en heel veel kinderen, zoals overal. Iedereen vraagt waar je vandaan komt. Ah, Belanda!
Weer terug op de boot kleden we ons om om weer te gaan snorkelen en zien wederom veel springende dolfijnen. Het is zonnig en dat scheelt toch wel een stuk met het snorkelen. Mooi zicht en verschrikkelijk veel vissen.
We varen door naar Saparua waar we in Kota Saparua Fort Duurstede bekijken. Eerst moet er iemand komen met een sleutel, want het is afgesloten. Dit fort is volledig gerestaureerd, maar veel meer dan de muren, de kantelen en wat kanonnen is het ook niet. Het tegenoverliggende museum zijn we binnen een halve minuut weer uit. Er is niets te zien, omdat er geen licht is...
Het is erg warm vandaag en we drinken veel water.
Bij Molana maken we een laatste snorkelstop die we aan ons voorbij laten gaan. Het is weekend en wij drinken een biertje terwijl we op het bovendek op de ligstoelen liggen te kijken naar de snorkelaars. En op een been kun je niet lopen.
Zodra iedereen terug is, varen we het laatste stuk naar Ambon, het einddoel van deze reis.
Vandaag alweer een spectaculaire zonsondergang. Deze komt op nummer drie te staan. Zo mooi als hier in Indonesië hebben we ze nergens gezien.

Zaterdag 30 novemberNaar Ambon

We liggen op het eiland Ambon pal voor de luchthaven.
AmbonFortAmsterdamWe maken met vier auto's een tocht over Ambon. Voornamelijk over het noordwestelijk deel van het eiland. We bezoeken wat dorpjes, fort Amsterdam, een oude vergaderplaats en wat heilige alen. We willen ook fort Haarlem zien nu we hier toch zijn. Maar dat is verdwenen! Tijdens de laatste moesson in eind juli dit jaar is het helemaal weggespoeld. Er is geen enkele steen meer over, alleen een diepe plas water. Erger is, dat ook een groot deel van het bijgelegen dorp verwoest is. Een deel van de bergwand was ingestort en blokkeerde daarmee het water van de rivier. Toen dat eindelijk door brak, spoelde een enorme hoeveelheid opgehoopt water door het dorp. Er staat nu een groot tentenkamp.
Als we in de auto's stappen om terug te gaan naar de boot, begint het te hozen. Niet een klein beetje regen, maar een heuse tropische bui. Bij de plek waar de boot lag, lijkt deze vreemd leeg. Er is geen boot! Er wordt gebeld en de Matahariku ligt bij de hoofdstad Ambon om boodschappen te doen en te tanken. We rijden daar naartoe, moeten een water oversteken met de pont en rijden naar de haven. Er zitten wachtposten in een huisje, maar wij als toeristen mogen zo het haventerrein op. We dwalen langs enorme rijen containers en zitten gewoon op het overslagterrein. Daar vinden we de boot niet en er wordt weer gebeld. We moeten een stukje verder rijden en zien dan de Matahariku aan komen varen. We zijn weer 'thuis'. Normaal staan dezelfde mannen achter de bar, maar nu even iemand anders. Het lukt hem nog wel om biertjes voor ons te vinden, maar als iemand om koffie vraagt, vlucht hij weg. Hij heeft alleen verstand van olie verversen.
We genieten van de laatste, alweer mooie, zonsondergang en varen dan terug naar het oude plekje voor het vliegveld. Na het eten nemen we afscheid van de bemanning.

Zondag 1 decemberNaar Alice Springs (Australië)

De geslaagde bootreis zit er al weer op. We hebben genoten van het avontuur. We hebben veel gezien en zijn door het personeel heerlijk in de watten gelegd. Dat zullen we gaan missen. De zeven (!) kilo kaas en de espresso-koffie-cupjes die Wim mee had genomen, hebben we zeer gewaardeerd.
We hebben ongeveer 2200 kilometer gevaren.
Drie mensen vertrekken net voor ons naar Ujung Padang met een andere vlucht dan wij; we gaan om 7:00 uur weg. Het is vijf minuten rijden met de auto en het vliegtuig zou om 8:25 uur vertrekken. We wachten bij de instapbalie, maar er gebeurt weinig. Om 8:45 uur roepen ze om, dat er vertraging is (alsof iedereen dat ondertussen nog niet weet) en dat we om 9:25 uur zullen gaan instappen. Maar meteen gaat de balie open en we vertrekken om 9:00 uur. Wie het snapt, mag het zeggen
Om 9:30 uur plaatselijke tijd landen we op Sulawesi. Er is hier één uur tijdsverschil met de Molukken en zeven uur met Nederland. Een groot deel van de dag brengen we op het vliegveld door met wachten op de vlucht naar Denpasar, Bali. Gelukkig is er gratis wifi zodat we uitgebreid kunnen internetten en ons verslag bijwerken. We drinken koffie bij Starbucks, een plaats waar we normaal gesproken nooit komen
Gelukkig is er gratis wifi zodat we uitgebreid kunnen internetten en ons verslag bijwerken. We drinken koffie bij Starbucks, een plaats waar we normaal gesproken nooit komen.
Later op de middag lusten we wel een biertje, maar dat valt niet mee om te vinden. We zitten in het grootste moslimland ter wereld en moslims mogen geen alcohol drinken. Er zijn een paar restaurants en ook een paar supermarktjes waar ze alleen frisdrank verkopen. Maar we vinden toch een klein tentje met bier. Ze hebben een aparte rookruimte. Een man denkt, dat dat een grote asbak is. Hij zit buiten die ruimte in het niet-roken deel te roken en gooit zijn as daar naar binnen.
Begin van de avond vliegen we naar Denpasar op Bali, waar we twee uur de tijd hebben om over te stappen op de vlucht naar Sydney. We moeten 150.000 rp taks betalen voor de internationale vlucht. Voor binnenlandse vluchten hoefden we niet te betalen. We kopen na de handbagagecontrole nog wat water en bier, het geld moet op, maar als we het vliegtuig instappen, moeten we dat weer inleveren. Het moet niet gekker worden. We sputteren tegen, zoals heel veel mensen, maar dat helpt niet. Misschien kijken ze daardoor niet goed in Lia's tas en zien ze het bier niet, wat we dus illegaal meesmokkelen.
Om 22:35 uur vliegen we naar Sydney in Australië en meteen door naar Alice Springs.

Dit was een DimSum reis.
Dit reisverslag is gesponsord door reisverzekeraar zelf.nl, voor kortlopende reisverzekeringen.