Print

Rusland - Mongolië - China - Vietnam - China - Laos - Thailand

7 september t/m 8 november 2002

Na ruim een jaar van voorbereidingen is het eindelijk zo ver. We vliegen vandaag naar St. Petersburg en over negen weken (jawel, je leest het goed) komen we terug uit Bangkok. Met Gerda, Carlo en Wim hebben we de hele reis uitgestippeld en alles door Koning Aap laten regelen. We beginnen met z'n vieren in St. Petersburg; Wim zal na drieënhalve week instappen in Hanoi.
De reis begint in RUSLAND met een bezoek aan St. Petersburg en Moskofu. Dan stappen we op de 'legendarische' Transmongolië Expres die ons in vier dagen door Rusland en Siberië naar Ulaan Baatar, de hoofdstad van MONGOLIË brengt. Nadat we in Ulaan Baatar zijn teruggekeerd van de jeepexcursie, vervolgen we de reis per trein naar Peking in CHINA. In de Chinese hoofdstad genieten we van culturele hoogtepunten zoals de Verboden Stad en het Zomerpaleis. Tijdens de cruise op de Yangtze-rivier zien we dat men volop bezig is met de bouw van een gigantische stuwdam. Als deze eenmaal voltooid is, zal dit prachtige landschap voorgoed onder water verdwijnen.
In Noord-VIETNAM gaan we eerst naar de kust, waar we een boottocht langs het karstgebergte in Halong Baai maken. In de omgeving van Sa Pa maken we een tweedaagse wandeling langs minderhedendorpen. We bezoeken de weekmarkten van Can Cau en Bac Ha waar de mensen uit de omliggende dorpen hun oogst of nijverheid aan de man proberen te brengen.
In Zuid-CHINA bezoeken we de provincie Xishuangbanna waar in de omgeving van Jianshui nog vrouwen met lotusvoetjes wonen. In de buurt van Jinghong wandelen we in drie dagen van dorp naar dorp.
LAOS is een land waar stamverbanden belangrijker zijn dan het behoren tot een nationale staat. Veel bergstammen hebben hun oude, animistische religies in ere gehouden en leven nog volgens zeer oude tradities. Magische rituelen maken deel uit van het dagelijks leven. In de omgeving van Muang Sing maken we een wandeling door verschillende dorpjes voor we in Luang Prabang, de voormalige koninklijke hoofdstad, aankomen. Via het prachtige karstlandschap van Vang Vieng komen we aan in Vientiane, de huidige hoofdstad van Laos.
Met de nachttrein rijden we naar Bangkok in THAILAND en we besluiten de reis aan het strand van Koh Samed.

Dao-kind in Vietnam

Zaterdag 7-9 Naar St. Petersburg (Rusland)

Wim staat samen met Joke 's morgens op de stoep om ons naar Schiphol te brengen. We vinden Gerda en Carlo, checken snel in en gaan dan koffie drinken. Ook de moeder van Gerda is meegekomen, zodat we met z'n zevenen zijn. We vertrekken iets te laat en gaan om 10:45 uur de lucht in. Het is maar een kippeneindje vliegen en 2:20 uur later landen we in St. Petersburg. Het is er twee uur later dan bij ons. We vertrokken uit Amsterdam met een mager zonnetje en er werd regen voorspeld. Hier is het lekker zonnig, helder en een paar graden warmer (25º). 's Avonds tegen tienen is het nog altijd 19º buiten. We zijn vrij snel door de douane en bij de lopende band voor de bagage staat een super-de-luxe geldwisselautomaat. We wisselen meteen € 200 en krijgen daar 6.000 roebel voor. We hoeven geen provisie te betalen. Later in de stad blijkt de koers iets hoger.
We worden opgewacht en gaan met een ruim luxe busje naar hotel Moscow. De chauffeur scheurt aardig door, maar stopt wel voor de verkeerslichten. Er wordt behoorlijk netjes gereden: wel hard, we horen regelmatig piepende remmen, maar men respecteert de regels. Geen getoeter en dat is wel zo rustig. Ondanks dat de chauffeur zo maar wat troep naar buiten gooit, is het toch schoon op straat. Je ziet dan ook regelmatig mensen vegen. We zitten in een groot hotel op de vierde verdieping. Een enorme gang met honderden kamers. Het ziet er goed uit: netjes, schoon en kleurentelevisie. We frissen ons wat op en gaan naar beneden waar we wat terrasjes hebben gezien. We bestellen bier en krijgen een halve liter Russisch bier in een plastic beker voor 30 roebel (€ 1). Die prijs valt mee; eigenlijk hebben we geen idee hoe duur Rusland is. We hoorden laatst dat Moskou de duurste stad van Europa is.
Tegen zessen lopen we de Nevskij Prospect af. Ons hotel staat zo'n beetje aan het einde bij de Drievuldigheidskathedraal en het Aleksander-Nevski-klooster, vlak bij de rivier de Neva. We slenteren door de brede straat en zien veel chique winkels. Duidelijk de betere buurt van de stad. In de voorsteden zagen we veel grote troosteloze flatgebouwen. Veel huizen zien er mooi uit, maar als we beter kijken, zien we dat er veel achterstallig onderhoud is en dat er hoognodig het een en ander opgeknapt moeten worden. We wandelen door en kijken ondertussen naar restaurantjes, een van de weinige woorden die we kunnen ontcijferen en herkennen in het cyrillisch. Het is vrij druk op straat, veel flanerende stelletjes, veel bloot, hoge hakken en kanten kleding. Het valt ons op dat de meeste mensen erg smalle heupen hebben. Wij voelen ons er maar lomp bij.
We zijn helemaal verrukt als we de Kerk-van-de-opstandig-van-Christus zien liggen. Wat een geweldig gebouw. Prachtige koepels, sommige met goud. Hij is gemaakt van steentjes wat aan de Hollandse bouwkunst doet denken. De stad is trouwens helemaal gebouwd naar Nederlands model door tsaar Peter in 1703. Dichtbij de kerk eten we wat op een terras: boeuf stroganoff en rundvlees met bonen. Het gaat er grif in: 750 roebel voor ons vieren. We lopen het hele eind weer terug en gaan op de kamer nog even naar het voetbal op de televisie kijken: Nederland wint met 3-0 van Wit-Rusland.

Zondag 8-9 St. Petersburg

Het ontbijt is inclusief en dus eten we in het hotel. Nou hebben we wel eens een uitgebreid buffet gehad, maar dit slaat alles. Je kunt het zo gek niet bedenken of het is er. Een keur aan sapjes, vlees, kaas, yoghurt, fruit, koekjes, warme gerechten (omelet, gehaktballetjes, rijst, groente, aardappelen), eieren, enz. enz. Te veel om op te noemen en zeker ook om te eten. Een goed begin van de dag. Buiten is het wat mistig en ruiken we de brandlucht van de bossen die in de omgeving in brand staan. We hebben er thuis over gelezen (over Moskou, daar zou het nog erger zijn). De Kerk-van-de-Opstanding-van-ChristusMet de metro gaan we voor 6 kopeken (€ 0,18) p.p. naar het centrum. Eerst gaan we met de roltrap naar beneden: een enorme diepte in waar we precies twee minuten over doen, terwijl de trap toch niet langzaam gaat. Ongelofelijk wat een diepte. Bij de Kerk-van-de-opstanding stappen we uit, maar we maken (nog) geen foto's: de kleuren zijn zowat geabsorbeerd door de mist. We wandelen verder en zien al snel de Admiraliteit liggen, een enorm complex dat vroeger een scheepswerf was. De gouden smalle punt bepaalt samen met de Peter-en-Paul-kathedraal en de Izaäkkathedraal het gezicht van de stad. De hele binnenstad bestaat uit statige herenhuizen van drie of vier verdiepingen hoog, allemaal even hoog, waar alleen de kerken bovenuitsteken. Geen hoge flatgebouwen. Op dit moment kunnen we de Peter-en-Paul-kathedraal niet goed zien door de mist, maar later op de dag zien we daar alleen maar steigers. Zoals we trouwens vandaag heel veel zullen zien. Men is duidelijk bezig om de jaren van verwaarlozing in te halen. Hard nodig.
We lopen om de Admiraliteit heen en zien het Winterpaleis met de Hermitage in al z'n glorie liggen. Wat een imposant gebouw! We hebben een beschrijving van een wandeling langs tal van bezienswaardigheden die we gaan zien. De bronzen ruiter op het Dekabristenplein van Peter de Grote werd in 1782 onthuld; er werd tien jaar aan het monument gewerkt. We zien het eiland Nieuw-Holland liggen, vroeger de opslagplaats voor timmerhout van de Admiraliteit. Gewone stervelingen mochten hier niet komen, want heel het eiland was gereserveerd voor de militaire overheden. Het Marijinski-theater moet ook erg mooi zijn, maar staat ook helemaal in de steigers. We drinken koffie, thee en frisdrank (resp. 26, 10 en 13 roebel).
We slenteren door en komen voor de Nicolaaskathedraal te staan. Een blauwwitte kerk met vergulde koepels en kruizen uit de achttiende eeuw. Schitterend. Hij steekt prachtig af tegen de blauwe lucht en de zon, die ondertussen is gaan schijnen, schittert op de koepels. Hij is erg hoog en als we naar binnen gaan, valt het ons dan ook meteen op hoe laag deze binnen is. Waarschijnlijk vanwege de immense kou die hier 's winters heerst; er staan dan ook enorme kachels. Binnen is er een enorme rijke iconostase, die door talloze mensen aanbeden wordt. Er staan geen banken, maar iedereen is voor zichzelf aan het bidden. Tussendoor wordt er ook nog getrouwd. In de tuin staat de vier verdiepingen hoge slanke klokkentoren. Een schoonheid. Langs het Joesoepovpaleis, waar ooit Raspoetin werd vermoord, lopen we in de richting van de Izaäkkathedraal. Zijn gouden koepel glinstert ons al van verre tegemoet. Ook hier staan weer steigers maar gelukkig niet om de koepel. We gaan nu eerst naar de Hermitage, omdat die morgen dicht is (toegang 300 roebel + 100 voor het fotograferen). Gelukkig hebben we een overzichtskaartje wat waar te zien is. In de HermitageEn dat is wel nodig ook: wat een immens gebouw en wat een kunst. Vooral veel schilderijen en alle grote meesters hangen er. Je kunt het zo gek niet bedenken. We gaan eerst bij de Rembrandts kijken, meer dan twintig doeken hangen er maar liefst. Ook zijn er vier Van Goghs en talloze Picasso's. Het trappenhuis is geweldig, veel kleden, veel goud, mozaïeken. We dwalen wat rond en zien dus niet alles goed, of eigenlijk niets. Maar we krijgen wel een indruk van wat er is. We zouden graag even terug willen in de tijd en zien hoe men ten tijde van de tsaren hier leefde. Na een kleine twee uur zijn we moe en zoeken we een terrasje op. Bier in echte glazen (halve liters) en twee keer zo duur als bij het hotel. We bestellen er wat olijven en pistachenootjes bij. Het bevalt ons zo goed, dat we na een poosje besluiten om hier ook maar te eten. We lopen terug naar de metro bij de kerk waar nog steeds de schilder staat, die we er tot nu toe steeds hebben gezien. Bij het hotel gaan we nog even op een terrasje zitten; het is zo'n lekker weer, geen wind, goede temperatuur en lekker bier.

Maandag 9-9 St. Petersburg, nachttrein naar Moskou

Hetzelfde ontbijt als gisteren; alleen vandaag is er ook een live-pianist.
We bezoeken eerst het Aleksander-Nevski-klooster, dat vlakbij het hotel ligt. Dit orthodoxe mannenklooster werd in 1710 gesticht door Peter I. We vallen midden in een soort mis binnen. Er wordt gebeden en gezongen. Van binnen is hij erg mooi. Ook hier wordt volop gerestaureerd. In de kelder liggen leden van de tsarenfamilie begraven. Het klooster werd in 1787 verheven tot lavra, in de Grieks- en Russische orthodoxe kerk een groot en zeer belangrijk klooster met veel monniken.
Met de metro gaan we naar het Peter-en-Paul-fort, aan de andere kant van de Neva. Het weer is geweldig: blauw en lekker warm. Wel wat meer wind dan gisteren, maar daardoor is de brandmist verdwenen. Het fort is het oudste gebouw van St. Petersburg. Het is gebouwd als verdedigingswerk tegen de Zweden, maar die waren al verslagen voordat het fort af was. Alles staat in de steigers, zodat we het van de binnenkant moeten hebben. Het commandanthuis is gesloten en ook de brug die we terug hadden willen nemen. In de kathedraal liggen alle grote regeerders van Rusland begraven, behalve Peter II, Ivan VI en Nicolas II. Ook de resten van de laatste Romanov's liggen hier. We bekijken de gevangenis met vrij grote 'kamers' en om 12:00 uur gaat het (erg harde) kanon af. Hierdoor worden talloze sirenes en alarminstallaties in werking gesteld. Grappig. We zijn moe en nemen daarom een rondvaartboot van een uur. Kunnen we onze voeten even laten rusten. We zien nogmaals veel bezienswaardigheden, maar nu vanaf een andere kant. En ja, het is allemaal goud wat er blinkt.
We gaan hierna naar de Kerk-van-de-opstandig-van-Christus om foto's te maken, want de zon staat er nu mooi op. En alweer staan we ons echt te vergapen. Wat een meer dan geweldig gebouw. Zo'n kerk hebben we nog nooit gezien. Op de markt erachter kopen we een echt Russisch souvenir: een 'originele' matruska met zes kleintjes erin (150 roebel = € 4,50). Na een cola op een terras gaan we met z'n tweeën verder naar de Izaäkkathedraal: we willen St. Petersburg van bovenaf zien. Op de achtergrond de IzaäkkathedraalNa tweehonderdzestig treden staan we onder aan de koepel en mogen we niet hoger. Het uitzicht is prachtig en nu zie je pas hoe groot het winterpaleis echt is. Er staat beneden dat je niet mag fotograferen boven, maar dat stamt waarschijnlijk nog uit de tijd van de oude USSR. Niemand houdt zich nl aan het verbod en niemand zegt er wat van. Op een (stilliggende) boot op de Neva nemen we een biertje.
Er zijn niet veel toeristen in de stad. En de meeste die er zijn, zijn Russisch. Veel mensen, ook vrouwen, drinken bier op straat, al 's morgens vroeg en er wordt ook veel gerookt. Het personeel in cafés en restaurants spreekt drie woorden Engels, maar dat is nog altijd meer dan ons Russisch. Met handen en voeten en soms het woordenboekje redden we het wel.
Dan gaan we op zoek naar een 'pectopah'. We vinden een soort lunchroom en nemen een voor- en hoofdgerecht. Samen met een biertje voor maar 300 roebel (€f 9). We wachten tot het donker is om een foto van de kerk te maken. Deze is niet zo mooi verlicht: de hele kerk heeft een groene waas.
Terug bij het hotel doden we de tijd met een drankje op een terras. Om 23:00 uur worden we opgehaald en op de trein naar Moskou gezet. Alles gaat volgens plan en we zitten in een vierpersoonscoupé. Het is er vrij benauwd: de ramen kunnen niet open. Wel zal er 's nachts frisse wind naar binnen worden geblazen. Het is een hele lange trein en er zijn zelfs meerdere treinen die vanavond naar Moskou gaan. De achthonderd kilometer over de (snel)weg schijnt niet aan te raden te zijn door alle troep die men op de weg gooit.
We hebben het een beetje gehad en gaan meteen slapen.


Dinsdag 10-9 Moskou

Toch wel ideaal zo'n trein: 's morgens om 8:00 uur zijn we in de stad en hebben zo geen tijd verspild met reizen. We hebben een sms je ontvangen uit Nederland waar ze op de tv hadden laten zien dat heel Moskou vol met rook hangt van de branden rondom de stad. Het is zo erg, dat het niet uitmaakt van welke kant de wind komt. Het brandt overal. Maar het valt reuze mee. Het is niet echt helder, maar er hangt geen brandlucht en de zon laat zich regelmatig zien. De temperatuur blijft goed.
Het verkeer is niet hetzelfde als in St. Petersburg: veel auto's, (trolley)bussen, taxi's en voetgangers. Geen fietsen, brommers en motoren. En geen getoeter. Men rijdt redelijk netjes, maar ze stoppen niet voor overstekende voetgangers. We worden in een lada naar het Russia-hotel gebracht. Vonden we het hotel in St. Petersburg groot: hier zijn maar liefst drieduizend kamers. Het Rode PleinDe BasiliuskathedraalEen voordeel is wel, dat het vlakbij het Rode Plein ligt: er is dus op loopafstand veel te bekijken. En dat er veel te zien is, merken we wel aan het korte stukje in de auto: overal koepels, torentjes, grote gebouwen al dan niet voorzien van een gouden laag.
We gaan eerst ontbijten in het hotel: ook een buffet, maar lang niet zo uitgebreid als gisteren. Maar meer dan voldoende en we laten het ons dan ook goed smaken. Eerst willen we het Kremlin met een bezoek vereren. Maar we zijn het hotel nog niet uit of we staan voor de Basiliuskathedraal. Hoewel er twee torens in de steigers staan (waarom verbazen we ons daar niet over), blijft het een geweldig gebouw. Het is het meest sprookjesachtige gebouw van Rusland. De kathedraal stamt uit de tijd van Ivan de Verschrikkelijke (1559) en bestaat uit negen kapellen, ieder met een eigen koepel. We lopen langs de rode muur van het Kremlin tot we bij de ingang komen. We moeten de tassen achterlaten in de claockroom en ook een kaartje kopen om te fotograferen. Video'en mag blijkbaar gratis. We snappen het niet helemaal.
De VerkondigingskathedraalWe vergapen ons wederom aan alle gouden torens en koepels van de verschillende kathedralen: o.a. de Verkondigingskathedraal, de Maria-Hemelvaartkathedraal, de Ivan-de-Grote-klokkentoren, het Kremlinpaleis (1849), het Facecttenpaleis. In de wapenzaal ligt een verzameling van koninklijke (wapen)uitrustingen, zoals de met bond afgezette kroon van Monomach, de zilveren kroon uit 1762 voor de kroning van Catharina de Grote en haar zilveren trouwjurk en prachtige geborduurde gewaden. Ook zijn er verschillende eieren van de koninklijke juwelier Fabergé. Daarna wandelen we het Rode Plein op waar het allerheiligste van de voormalige Sovjet-Unie staat: het Leninmausoleum. Aan de ene kant van het plein staat de Basiliuskerk en aan de andere zijde het rode Historisch Museum. Tegenover het Leninmausoleum staat het GOEM-warenhuis van maar liefst tweehonderdvijftig meter lang (1889-1893). In de Sovjetperiode stroomden er dagelijks 300.000 mensen naar dit warenhuis om aan de in totaal tweeënhalve kilometer lange toonbanken dingen te kopen die in de rest van het land niet te krijgen waren.De Klokkentoren van Ivan de Grote
Onderweg naar het hotel kopen we een T shirt voor 150 roebel (matige kwaliteit) en rusten de rest van de middag lekker uit. We hebben een restaurant uitgezocht waar we met de metro naar toe moeten. Die metro kost hier maar 5 kopeken en we ontdekken de tienrittenkaart waardoor we maar 3,5 kopeken per rit betalen (€ 0,10). We vinden het restaurant en als we het niet uit het boekje zouden hebben, zouden we zo'n tent nooit ingaan. Het ziet er erg kitscherig uit, een beetje oosters, platen op de muur geschilderd. Maar binnen is het erg chique; ze hebben twee Engelse kaarten en ze spreken twee woorden Engels. Het is niet de goedkoopste plaats, maar ach, het is vakantie en het smaakt prima als uiteindelijk iedereen het gerecht heeft wat hij besteld heeft. Dat gaat niet helemaal goed. Lia heeft iets besteld waarvan we dachten dat het pasta zou zijn en dat later momo's blijken te zijn. Lekker.

Woensdag 11-9 Moskou, Transmongolië Expres

's Nachts heeft het geregend, wat wij niet gemerkt hebben, maar Gerda en Carlo wel. Als we na het ontbijt buiten komen, voelen we dat het zeker tien graden kouder is dan gisteren. Het waait vrij stevig en de zon zal zich vandaag niet laten zien. Wel even wennen na drie prachtige dagen. De mensen buiten (marktverkopers) dragen gelijk dikke jassen en bontmutsen. Dat is nou ook weer overdreven. We gaan eerst metrostations bekijken. We hebben opgezocht welke de mooiste zijn en voor € 0,10 kun je ze allemaal zien. Erg goedkoop, want eigenlijk is het één groot museum. Elk station heeft een eigen thema. Alle namen staan alleen in het Russisch en van de cyrillische tekens maken we Nederlandse woorden. Zo maken we 'kiepkar' van 'kypcka?' terwijl er eigenlijk 'kurskaya' staat. Alle Russen zitten en staan al hangend aan de rail te lezen. Sommige de krant, maar de meeste gewoon een boek. Het is er wel erg warm, zo erg dat we onze jassen uittrekken. Ook zitten er nogal wat mensen flesjes bier te drinken. Naast de vele kranten- en broodjeskiosken zijn er ook veel dranktentjes. Ook bloemen zijn populair. Vervolgens gaan we naar het Novodevitsji-klooster, oftewel het Nieuwe Maagdenklooster. Het is gesticht in 1524 en was al snel een van de rijkste kloosters in Rusland. Het was een exclusief internaat voor de dochters van de adel, van wie niet allen er vrijwillig zaten. Prachtig is de kathedraal van de Moeder Gods van Smolensk met op de voorgrond de gouden Prokhorov-kapel. Links staat de klokkentoren van tweeënzeventig meter hoogte.
De kathedraal van de Moeder Gods van SmolenskIn een donker zaakje aan de overkant drinken we koffie en thee om warm te worden. Het verschil in temperatuur met gisteren is teveel voor ons. Met de metro gaan we naar de Arbatstraat, een voetgangersgebied wat erg gezellig zou moeten zijn. De kroegjes en eettentjes zien er aardig uit en de mensen van de marktstalletjes in het midden van de straat staan weg te kleumen bij de harde wind. We gaan op zoek naar postzegels, maar dat valt niet mee. We moeten het een paar keer vragen en het eerste postkantoor verkoopt ze niet. We gaan op zoek naar een volgende, weer vragen, en dan lukt het wel. We zijn het zat en gaan een biertje drinken. We vinden een betaalbaar restaurant tussen alle dure en eten verrassend lekker. Het gaat wel snel: soep (kippen) en caesarsalade vooraf, kip met (heel veel) knoflook, varkensvlees met patat, kippen- en runderprutje. Daarna is het tijd om terug te gaan naar het hotel waar we opgehaald worden om naar de trein te gaan. Het verkeer is nog erg druk, volop files. Het komt hier allemaal wat later op gang dan bij ons: pas tegen tienen wordt het 's morgens druk en het gaat veel later door (tot 23:00 uur).
Er is een aparte ingang voor toeristen en voor een groot hek staan Mongolen en Russen met allemaal grote pakken. Die mogen er pas in als wij binnen zijn. Het is een gesjouw en geduw van enorm grote pakken bij de trein: veel handelaren die verderop hun spullen proberen te verkopen. Het is een gedrang en erg hectisch. We zijn blij dat we eindelijk in de trein zitten: we hebben vermoeide, stijve beenspieren en zere voeten. We willen niet weten hoeveel kilometers we de afgelopen vier dagen gelopen hebben. We hebben met z'n vieren een coupé met vier bedden, waarvan je er twee op kunt klappen en dan twee banken overhoudt.
Het vertrek van de Transmongolië ExpresWe maken het raampje open om wat foto's te maken en doen het niet dicht: helemaal fout. Want even later pikt iemand vanaf buiten zomaar Carlo's fototoestel. We zitten er gewoon bij en zijn te laat. We gaan er nog wel achterna, maar vinden natuurlijk niets. Vreselijk balen. Het is jammer maar we worden hierdoor nog wantrouwiger tegenover de plaatselijke bevolking, terwijl we van het merendeel natuurlijk niets te vrezen hebben. Achteraf zal blijken, dat hier in Moskou de enige plaats is waar zo van buitenaf gestolen kan worden; op de andere plaatsen liggen de stations veel lager en kun je er niet bij. We nemen een glaasje whisky tegen de schrik en maken ons al snel klaar voor de nacht. We krijgen lakens, sloop en handdoekje uitgereikt. In de gang is er veel gesjouw met grote pakken. Buiten is het 8º.

Donderdag 12-9 Transmongolië Expres

Het is koud 's nachts en de lakens zijn erg kort. Morgen gebruiken we onze lakenzakken wel.
In de gang van de trein ligt een tapijt, een loper, waar overheen weer een doek ligt ter bescherming. Misschien voor al de grote pakken die telkens heen en weer gesleept worden. Sommige coupés zijn er helemaal mee vol gestouwd en ook voor de uitgangen staan er een paar. Hier ligt ook nog iemand op te slapen.
We maken ons ochtendtoilet in het kleine toilet aan het einde van de gang waar ook een kleine wastafel zit met koud water. Vervolgens halen we warm water om koffie en thee te maken. Het smaakt prima. In elke gang staat een samovar met gratis warm water en zijn er twee provodniks. Zij houden het rijtuig schoon en lossen eventuele problemen op. Eenmaal per dag gaat de dweil door de coupé. Een van de dames komt regelmatig langs om suikerklontjes te verkopen, maar die hebben we zelf. 's Middags wordt er gevent met gekookte eieren. Buiten is het helder blauw. De bomen die we nu passeren beginnen enigszins herfstkleuren te krijgen. Af en toe zien we een (houthakkers)dorpje. Het ziet er koud uit buiten.
Het is hier een uur later dan in Moskou. Buiten staat er elke kilometer een paaltje langs de rails, zodat je kunt zien hoever we van Moskou zijn verwijderd. Op 957 kilometer van Moskou stoppen we in Vjatka, voorheen Kirov. Het ziet er zwart van de mensen en daar verbazen we ons over: als die allemaal in de trein moeten… Maar nee: op het perron begint de plaatselijke markt. In twintig minuten tijd probeert iedereen van alles te (ver)kopen: bontjassen, sportschoenen, truien, onderbroeken, paraplu's. De bevolking moet het hier van hebben omdat dit in hun woonplaats niet te koop is. Het is een gedrang, geroep en gegraai van jewelste. Een waar spektakel. Wij gaan even de trein uit en kopen vier broodjes voor 21 roebel voor zowel het ontbijt als de lunch. De trein vertrekt zonder waarschuwing en alle handelaren verdringen zich bij de deuren om de trein in te komen. In de gangen blijft het een heen en weer gesleep van grote tassen met allerlei goederen. Uitzicht
We maken een paar keer koffie, thee en soep. Smaakt allemaal goed. We hebben dat allemaal van huis meegenomen, evenals de koekjes.
In Balezino (1.194 kilometer van Moskou) is de volgende stop 's middags om 15:00 uur. Op het station staan naast de handelaren uit de trein, ook de plaatselijke verkopers. Wij kopen met z'n vieren zes broodjes en tien appels voor 80 roebel, zes tomaten voor 10 roebel en vier flessen bier (halve liters) voor 120. Het bier drinken we meteen op en eten er borrelnootjes bij die we meegebracht hebben.
Het weer is nog steeds prachtig: zonnig en helder blauw. We zien veel berkenbomen, sommige al in een prachtige rode kleur; de meeste nog geelgroen. De bomen zien er goed uit; veel beter dan bij ons. Ze hebben hier geen last van de zure regen. We gaan apart eten en apart de trein uit, zodat er altijd iemand in de coupé achterblijft. Deze kan aan de buitenkant nl niet op slot en regelmatig wordt de deur door iemand open gemaakt om te kijken of er iemand is. We vertrouwen het niet helemaal. Er wordt nu geleurd met o.a. zoutjes, eieren, bier en wodka. We zetten de klok weer een uur vooruit (Moskou-tijd +2). Het zijn korte dagen op deze manier.
Het avondeten gaat in tegenstelling tot het ontbijt verrassend snel. Binnen twintig minuten staat er steur en boeuf stroganoff voor onze neus.
In Perm (1.436 km) stoppen we weer. Dit is een grote stad waar waarschijnlijk van alles te koop is, want er wordt amper gehandeld. De zon is zowat onder en het is bitter koud buiten. We kijken alleen vanuit het open raam dat we weer snel sluiten. Als dagafsluiting drinken we vandaag een glaasje cognac. Alle afval wordt de trein uit geflikkerd door de provodniks. Volgens ons ook bierflesjes. Soms hebben we het idee dat de trein over zo'n berg afval heen rijdt.

Vrijdag 13-9 Transmongolië Expres

Het was vannacht niet zo koud als gisteren. Martijn had een extra dikke deken, maar kreeg het warm. Goed voor zijn verkoudheid, zullen we maar zeggen. Het is buiten bewolkt en soms zien we een spat regen. De trein beweegt nogal en het schrijven gaat niet zo goed. Het is bijna niet meer te lezen.
We zien nog steeds bomen en het is hier al duidelijk meer herfst dan gisteren. De bomen worden soms afgewisseld met weiden, heel soms een dorpje, een plas of een rivier.
In Ishim (2.437 km) is de volgende stop, waar weer volop wordt gehandeld. De plaatselijke bevolking holt heen en weer tussen de handelaren om te zien wat er te koop is. Er wordt veel gekocht.
We ontbijten lekker met de broodjes van gisteren. We hebben twee soorten: een met wat kaas er op en waarvan we hopen dat er ook nog wat kaas in zit en gewone witte bolletjes. Het broodje met kaas bevat alleen maar brood en het andere is gevuld met een soort zuurkool. Samen met de tomaten en de kaas (van onze eigen kaasboer in Utrecht) en wat mosterd smaken ze meer dan uitstekend.
Er weer verzetten we de klok: Moskou-tijd +3. Het is een lui leventje in de trein. Je hoeft alleen maar te beslissen of je koffie gaat maken, gaat eten, lezen of slapen. Aan kaarten komen we niet toe.
In de treinDe volgende stop is in Omsk, welbekend van de trojka van drs. P (2.712 km). Het is een miljoenenstad maar toch is er een drukke handel op het station. Wij kopen een brood voor 10 roebel en een stuk worst voor 15. Ook twee bakjes met noedels waar alleen warm water bij hoeft voor noodgevallen. We wurmen ons door al die mensen die toch wel erg snel moeten beslissen of ze iets willen kopen. Een jas passen gebeurt nog wel, de rest wordt op het oog gekocht. Ze hebben daar ongetwijfeld kijk op. Het is koud buiten, maar het regent niet. Er staat een fris windje. Binnen in de coupé wordt het er ook niet warmer op. De mensen op de gang blijven op en neer lopen. Nu komen de Fransen weer langs, een groep van zo'n dertig - veertig man die in de eerste klas coupé zit, maar hier komt eten, want dit is de enige restauratiewagen in de trein. De hele groep tegelijk. Het lijkt wel of zij Moskou-tijd aanhouden, want ze gaan op steeds gekkere tijden eten. Nou moet ik zeggen, dat we zelf af en toe ook niet meer weten hoe laat het nou echt is. Het boekje waarin dit vermeld staat, is tegenstrijdig. Het maakt ook niet echt wat uit.
Vanwege de kou nemen we zovast een glaasje whisky met als borrelhapje belegen kaas met mosterd. Carlo komt later terug met een fles wodka die we natuurlijk ook uitproberen. We eten weer in de restauratiewagen. Het is verbazend hoe weinig mensen hier eten. Als het er tien op een avond zijn, is het veel. En dat op zo'n enorme trein. De Mongolen, Russen en Chinezen zullen het wel te duur vinden en de Nederlanders in ons treinstel hebben zelf alles meegenomen. Tot borden en een afwasteiltje toe! Maar het smaakt prima, het is niet duur en we worden er niet ziek van. Erg veel toeristen zitten er trouwens niet in de trein; het zijn het meest handelaren. Tijdens het eten stoppen we in Barabinsk (3.040 km). Op het perron is het het drukst tot nu toe. Wat een gedrang en gehandel. Enorme (illegale) omzetten worden er gedraaid. Het zal wel erg goedkoop zijn, want anders kun je je dit niet voorstellen. Alsof er in de plaats zelf helemaal niets te koop is. Duizenden mensen staan op het perron te wachten tot de trein binnenkomt. Ook in de trein probeert men te handelen.
We zijn wat afstand betreft zo'n beetje op de helft naar Mongolië. Het is koud en we maken een kruik van de waterfles om warm te worden. We doen de deur naar de gang dicht en alle lampen aan. Alle beetjes helpen, nietwaar. We nemen nog maar een neut. En na een tijdje is het zelfs behaaglijk (nou ja) in de coupé. We repareren het raam naar buiten, zodat die 's nachts niet meer kiert en koude wind naar binnen laat. Tijdens de laatste stop is het buiten ineens weer een stuk warmer. Vreemd.

Zaterdag 14-9 Transmongolië Expres

Druk druk drukHet was dan ook warm vannacht en we zitten weer in T shirts. Buiten is het nog wel bewolkt, maar het zijn geen regenwolken meer. Soms komt er zelfs een waterig zonnetje door. Deze temperatuur vinden we een stuk beter en hopelijk blijft dat zo. We lopen heel de trein door naar achteren om een foto te maken van het uitzicht. In Krasnayarsk (4.098 km) stoppen we weer. Lekkere temperatuur buiten. We gaan een trap op zodat we een mooie overzichtsfoto kunnen maken. We zien de oude brug over de Yenisei-rivier uit 1890. Deze heeft in 1900 op de Wereldtentoonstelling in Parijs de gouden medaille gewonnen. Wij rijden over de nieuwe brug uit 1999. De klok gaat weer een uur vooruit: Moskou-tijd +4. Dat gaat eigenlijk wel lekker op deze manier, want zo hebben we totaal geen last van het tijdsverschil. We gaan brunchen met brood, plaatselijke kaas, tomaten en een dunne smeerleverworst, ook van hier. Smaakt prima. Het wordt mooi weer: de zon gaat schijnen en blijft de rest van de dag. Er vliegen veel roofvogels die op zoek zijn naar muisjes.
In Hanskaya (4.375 km) is het weer druk, maar er zijn geen tomaten te koop en alleen lauw bier. Dus blijft het bij brood en worstenbrood en worst. Het bier halen we uit de restauratiewagen, waar het zoals gewoonlijk vol zit met Mongolen die aan het kaarten, schaken en roken zijn. En voor de laatste keer (voorlopig) zetten we de klok een uur vooruit: Moskou-tijd +5 = Ulaan Baatar-tijd = Peking-tijd = Nederland-tijd +7. Op het volgende station, Nizhneudisnk (4.680 km), zijn er wel tomaten en komkommers. De mobiele telefoon vindt geen netwerk, zodat we Elvira niet kunnen feliciteren met haar verjaardag.

Zondag 15-9 Transmongolië Expres

Als we wakker worden, rijden we langs het Baikal-meer, het grootste, diepste en koudste meer ter wereld. Af en toe rijden we door een tunnel en net als we een foto willen maken, komt er weer zo'n lange trein langs. Bij de korte stop in Seyudyanka biedt men vissen te koop aan. Hoe kan het ook anders met zo'n plas voor de deur. Er staan meer dorpjes en alle huizen hebben een tuintje waarin men z'n eigen groente verbouwt. Het weer is zonnig, maar wel wat frisser dan gisteren. Veel herfstkleuren. Later op de dag wordt het weer warmer. Uit het bagageruim voor onze coupé komen honderden doucheslangen. Als ontbijt hebben we lekker brood, tomaat, komkommer, worst en hardgekookte eieren, die we in de trein hebben gekocht. De hele dag komen er kranen langs, dozen met pepermuntjes en Goudse kazen.Het Baikal-meer
Ulan-Ude (5.642 km) is de laatste echte stop voor de grens met Mongolië. Er mag hier niet gehandeld worden op de perrons en er is slechts een klein winkeltje waar iedereen wat wil kopen. Gelukkig zijn we een van de eersten en Lia doet inkopen terwijl de rest buiten op wacht staat om te kijken of de trein er nog staat. We weten nooit hoe lang een stop gaat duren en er wordt geen vertreksignaal gegeven. De trein vertrekt wel erg langzaam, zodat je er nog makkelijk in kunt klimmen. We kopen brood, yoghurt, water en een wat vreemd uitziende worst. Veel meer keus is er niet. We drinken koffie en thee met koekjes, lezen en kijken naar buiten. Het gesleep op de gang duurt voort. Nog tweehonderdvijftig kilometer te gaan naar Mongolië. Het is lekker warm buiten: de thermometer geeft 27º aan. We bestuderen het schema van de trein dat Moskou-tijd aangeeft en we blijven voortdurend rekenen. Wij hebben ook een schema dat niet helemaal klopt, maar toch een goede indruk geeft. Alleen het tijdstip van aankomst verschilt nogal. Blijkt dat men, eenmaal in Mongolië, overgaat op de Mongoolse tijd. Tot nu toe houdt men Moskou-tijd aan.
Er komen weer kranen langs.
Het landschap is erg veranderd. Waren het eerst hele kale vlaktes of bomen; nu zijn het vlaktes met struikjes: de taiga. De bodem is bedekt met gras, dat geel verdord lijkt en de struikjes zijn groengeel en rood door de herfstkleuren. Tegen de blauwe lucht steken ze mooi af. We tekenen voor dit weer voor de rest van de reis!
Om 18:40 uur komen we bij de Russische grens aan. Er staat aangekondigd dat het tweeënhalf uur gaat duren en we maken ons op voor een lange zit. Eerst mogen we nog even het perron op waar het erg leeg is. Achter een hek ontdekt Carlo een barbecue, gaat er heen en koopt een paar stukken kip met saus en een fles wodka. Hij krijgt het mee in krantenpapier en in de trein zitten wij heerlijk te schransen. Het smaakt geweldig. De andere Nederlanders durven er niet aan… Dan komt de douane. Alle ramen moeten dicht, zodat het binnen flink warm wordt. Dan worden paspoorten opgehaald die we een hele tijd later weer terugkrijgen. De coupé wordt doorzocht en ook de ruimte op de gang waar eerst de douchekoppen ingezeten hebben. Dan volgt controle van de briefjes die we in hebben moeten vullen en even later de inname daarvan. De Russische restauratiewagen wordt ertussenuit gehaald, terwijl de Mongoolse er pas in Ulaan Baatar aankomt. Alles bij elkaar duurt het maar liefst bijna vier uur. We zijn het goed zat. En dan komt zo meteen de Mongoolse grens nog. Zodra de trein rijdt, rent iedereen naar de wc die de hele tijd afgesloten is geweest. Een minuut of twintig rijden we in niemandsland en dan komen de Mongolen hollend aan boord. Er wordt aan de noodrem getrokken en mensen die uit het raam kijken, zien dat er allerlei pakken de trein uit worden gegooid. In het donker kunnen we niet veel zien. Tegen kwart voor twaalf 's nachts zijn we aan de grens en moeten we weer allerlei briefjes invullen. In de tussentijd was de wc weer gesloten en we zijn de sleutel gaan halen, die we wel mee kregen, gelukkig. We moeten weer één voor één op de gang gaan staan en er wordt gezocht naar verstekelingen. We zien ook iemand met handboeien aan. De meeste duistere zaakjes vinden hier plaats. Pas om 1:20 uur vertrekken we en we zetten de wekker zes uur later, omdat de trein er zeven uur over zal doen.

Maandag 16-9 Naar Erdene-Zoe (Mongolië)

's Morgens denken we bijtijds op te zijn, maar we zijn eerder in Ulaan Baatar dan we denken. Alle tijd die we verloren waren aan de grens, hebben we weer ingehaald. Het is stressen, snel naar de wc waar natuurlijk een enorme rij staat en we moeten alles nog inpakken. Geen tijd voor ontbijt. Onze chauffeurOp het station ontmoeten we onze contactpersoon en we worden naar een busje gebracht, een soort oude legerjeep. Het weer is nog steeds mooi, niet zo heel warm doordat we op 1.375 meter hoogte zitten, maar toch altijd nog 20º. Men heeft hier een hele hete zomer achter de rug, terwijl het eigenlijk had moeten regenen. Binnen enkele dagen verwachten ze sneeuw, maar dan zijn wij al weer weg. We willen eerst naar de bank om onze Russische roebels om te wisselen, want dat kon niet aan de grens. Het wisselkantoor gaat pas om 9:00 uur open en tot die tijd wachten we voor de deur. Mevrouw de gids van de reisorganisatie heeft een grote thermoskan (zo'n Chinese) met heet water, koffie, thee en koekjes. Smaakt prima. De wisselkoers is ook goed en beter dan verwacht. 1.000 Mongoolse tugrik = 1 €. Van provisie heeft men hier nog nooit gehoord. In Rusland trouwens ook niet. Leg ze dat in Nederland maar eens uit! We maken stops voor een V snaar, warm water, motorolie en een paar keer voor benzine. En dan kunnen we echt op weg. Er wordt ons van alles aangewezen en we zien mensen in 'klederdracht' lopen, die erg lijkt op de kleding in Bhutan. Mooie verweerde koppen en prachtige leren laarzen dragen ze. Het landschap is heuvelachtig, veel weiden, geen bomen en struiken. Het is kaal, leeg, af en toe een ger (nomadentent), soms een kudde geiten, schapen, heel veel paarden, soms jaks. We schudden aardig door elkaar. De trein ging af en toe raar schokkerig, maar dat was alleen voor en achteruit. Dit gaat alle kanten op. We houden ons aan alles vast om niet van onze zitplaats gelanceerd te worden. De wegen zijn slecht. Ze zijn wel geasfalteerd, maar dat kunnen ze hier beter niet doen, omdat de temperatuur hier schommelt tussen +40º en -40º. Er ligt wat asfalt om de gaten heen. Een stuk is erg goed: nieuw dit jaar. We moeten van de weg af voor een brug waar ze mee bezig zijn: door mul zand, van taluds af, veel zand- en stofverplaatsing, mist. Ellende dus en het schiet niet op. We eten in een dorpje in een tent waar ze 24-uur service bieden. Het meeste eten is echter 'finished'. We eten daarom soep met groente en vlees. Als we een klein kind een soort momo's zien eten, willen wij die ook. Die zijn er nog en ze smaken verrukkelijk. Ze hebben alleen koffie en thee met melk, maar dat willen we niet. Daarom drinken we buiten nog een kopje uit de thermoskan uit de bus. NomadententenWe rijden verder naar het zuidwesten en het begint te waaien. Als we even pauzeren woedt er een flinke zandstorm. We moeten onze ogen echt dichtknijpen en begrijpen nu ook waarom de mensen hier spleetogen hebben. We stoppen bij wat zandduinen waar het vreselijk waait. Maar de temperatuur is nog wel goed. Even later betrekt het en het begint zowaar te regenen. De mensen hier zijn er blij mee, want de laatste regen viel in juli. Maar het wordt meteen een stuk kouder. Wat een verschil in temperatuur in zo'n korte tijd.
We komen bij onze kamplaats, een ger, een (toeristen)nomadentent met vier bedden. Men steekt meteen de kachel aan die in het midden staat en binnen de kortste keren is het lekker warm. De pijp steekt door een gat in het dak dat voor de helft open is (en blijft). Als het harder begint te regenen, valt er amper een spetter naar binnen. We laten wat bier brengen en geven de gids en de chauffeur (beide met onuitsprekelijke Mongoolse namen) een whisky. Een goede gelegenheid om onze laatste kaas aan te spreken die vooral de chauffeur erg lekker vindt. Ook ons mapje met foto's halen we te voorschijn en wordt uitgebreid bekeken. Ze willen van alles weten. Leuk. We eten in de gezamenlijk tent met een tomatenprutje vooraf en vis met rijst toe. We krijgen er thee bij. We hadden liever een echt Mongools diner gehad. Het hagelt als we 's avonds teruglopen naar de ger. Het vuur in onze ger wordt weer opgepookt en morgenochtend om 7:00 uur zal er iemand komen, om dat weer te doen. Er worden extra dekens, kopjes en een thermoskan met warm water gebracht. Men had het water van de douche willen verwarmen, maar men krijgt het niet warm. Ach, een dag meer of minder niet wassen maakt ook niet meer uit.

Dinsdag 17-9 Naar Hustain Nuruu N.P.

Je wilt niet geloven wat voor pak sneeuw er vannacht gevallen is. En dat op 17 september. En het sneeuwt nog steeds. Zachtjes weliswaar, maar toch. Het vriest 6º. Iemand komt het vuur aanmaken en al snel is het warm. De kou viel vannacht mee, maar dat komt natuurlijk ook door de sneeuw die isoleert. Men is al vroeg aan het sneeuwruimen om de paden schoon te maken. We hebben vandaag nog een lange rit voor de boeg. Benieuwd hoe dat zal gaan. In de tien dagen die we onderweg zijn, zijn we van zomer naar herfst naar winter gegaan. En hebben we al heel wat weertypes gehad: zon, warm, regen, harde wind, zandstorm, koude, sneeuw, hagel. De sneeuw valt erg vroeg dit jaar en het is heel goed mogelijk dat er een stuk verderop niets ligt.
Het Erdene-Zoe-klooster We ontbijten met pannenkoeken met jam en wit brood met boter en jam. We lopen naar het Erdene-Zoe-klooster dat tegenover het ger-complex ligt. Het is in 1586 gesticht als het eerste boeddhistische kloostercomplex in Mongolië. Het bestond uit zestig - honderd tempels en zo'n driehonderd gers. Op het hoogtepunt leefden er duizend monniken. Het werd eerst door de Mantsjoes verwoest en later door de Stalinistische zuiveringen. Het is het belangrijkste culturele erfgoed van Mongolië. Alle gebouwen worden voor ons open gemaakt en er wordt van alles uitgelegd. De gidsen vertalen het van het Mongools naar het Engels. Voor foto's en video moeten we extra betalen (resp. 5 en 10 US$), maar dat vinden we veel te duur en doen dat niet. Ook de prijzen in het winkeltje zijn belachelijk hoog. Terug in de ger krijgen we lekkere warme thee en drogen veel mensen hun schoenen en sokken. Die van ons zijn gelukkig droog gebleven. Het sneeuwt nog steeds en komt door het dak de tent in. Het smelt in de lucht door de kachel die er onder staat.
We gaan weer op weg, maar eerst naar de schildpadrots. Het interessantste hier zijn de verkopers en een echte Mongool in klederdracht. Al snel gaan we weer verder. Er ligt veel sneeuw, maar de weg is schoon en het duurt niet lang voordat we wat blauw in de lucht zien en het helder en zonnig wordt; uit de (koude) wind is het meteen weer lekker warm. Het landschap ziet er met sneeuw heel anders uit. De dieren vallen meer op en we zien vooral veel paarden. Langzaam maar zeker verdwijnt de sneeuw; op de hogere heuvels blijft hij liggen. Die heuvels zijn helderder dan gisteren. Men vertelde dat er veel smog was door bosbranden. Die moeten dan ver weg zijn, want hier is in de verste verte nog geen boom te bekennen. Door de sneeuw is die smog verdwenen. Er lopen veel dieren op de weg: koeien, schapen, geiten, paarden. Sommige gaan niet echt snel opzij. Ze drinken uit de plassen die op de weg staan. We scheuren weer door een breed stuk zand en de chauffeur rijdt niet echt zacht. Goed vasthouden dus.Een van de weinige dorpen
Pas tegen zevenen zijn we bij onze volgende ger. Deze ligt in het natuurpark Hustain Nuruu. Lia gaat op zoek naar bier en komt met vier halve literblikken terug (1.000 tugrik per blik = € 1). Het blijkt Japans bier te zijn, dat goed smaakt. Deze ger is wat groter dan de vorige en het vuur brandt al. Snel daarna gaan we eten: een soort koude mie met vlees en groente, plakje kaas, worst en tomaat. Vleesprutje toe. We geven de gids en de chauffeur ook een biertje, we nemen er zelf ook nog een, en nu kosten ze 1.200 per stuk. Men laat zien dat dit de juiste prijs is. Het zal wel. Als we de chauffeur vertellen dat de slechte wegen in Nederland stukken beter zijn dan de goede wegen in Mongolië, komt hij niet meer bij. Zowel de gids als de chauffeur zijn erg geïnteresseerd in verhalen uit Nederland.
Nu is iemand ons kacheltje in de ger bij komen vullen. Er staat wel een mand met hout naast, maar hij wordt aangevuld met kolen. Misschien blijft hij de hele nacht smeulen. Het dak is voorzien van glas (plastic?), wel zitten er enorme kieren in. Maar het wordt vast kouder dan afgelopen nacht, want het is helemaal helder, wat een erge mooie sterrenhemel oplevert. Iemand brengt wat extra dekens, weliswaar maar twee voor vier personen, maar we doen het er mee. Martijn neemt een dikke en Lia neemt Martijn z'n sprei en dat blijkt genoeg.

Woensdag 18-9 Naar Ulaan Baatar

Het is heel erg koud in de ger, maar Martijn pookt de kachel weer op en gooit er nieuw hout op, waar Carlo mee aan komt lopen. Na het ontbijt rijden we eerst naar het gebied waar Przewalskipaarden voorkomen. In de jaren zestig van de vorige eeuw is de soort in het wild uitgestorven. In dierentuinen waren er wereldwijd nog zo'n honderdvijfenzeventig. Er is een stamboekfoksysteem opgesteld en de eerste groep van vierentachtig dieren is hier op de steppes uitgezet. Momenteel bestaat deze groep uit ongeveer honderdvijftig Przewalskipaarden. Wij zien een hengst met een stuk of tien merries met kleintjes. Ze hebben allemaal dezelfde tekening. Ze zijn erg schichtig en rennen weg zodra we een beetje in de buurt komen.
We maken plannen om nog eens terug te komen en dan verder naar het westen te gaan waar meer bergen en bossen zijn. Misschien kunnen we het combineren met Binnen-Mongolië in China. We hebben het adres van de chauffeur en dus: wie weet... Deze manier van reizen bevalt ons wel.
Daarna rijden we terug naar Ulaan Baatar en zien regelmatig een soort grote marmotten in het veld zitten en ook wat kleine beesten. Het lijken ons muizen, maar zeker weten doen we het niet. Ook prachtige roofvogels zien we laag bij de grond zweven op zoek naar deze beesten.
Przewalskipaarden Weer veel dieren op de weg, nu ook een varken. Het weer is prachtig: helder, blauw, wel een koude wind. Het heeft goed gevroren vannacht (-15º) en dat doet het nog steeds. Hoe dichter we wij de stad komen, hoe drukker het wordt. Dat komt o.a. door auto's met pech die gewoon midden op de weg blijven staan, op de plaats waar ze gestrand zijn. Soms lijkt het een complete garage, soms hoeft een auto alleen maar aangezwengeld te worden. Ja, ja, dat gebeurt hier nog.
We zitten in het hotel Grand tegenover oude stoomlocomotieven. Een hele ruime kamer en die van Gerda en Carlo is nog veel groter. We springen onder de warme douche, de eerste sinds een week. Ook pakken we de koffers opnieuw in en kijken op de BBC naar de EC-uitslagen. Om 15:00 uur gaan we de stad in. We hadden al gezien dat het niet veel was: een echte ex-Russische stad met dito gebouwen. We zoeken naar postzegels en kaarten en typische Mongoolse hoedjes. We zien ze op verschillende plaatsen en de prijs varieert van 5.000 tot 10.000 tugrik. De stad is verder inderdaad niet veel en we duiken een 'Biergarten' in. Grote pullen Kahn-Braü voor weinig geld. We bestellen er pinda's bij, want we hebben de lunch overgeslagen. We eten er ook maar gelijk, de kaart ziet er goed uit, veel keus, weinig geld en het smaakt uitstekend. Het is ook niet duur: € 10 voor drie bier, pinda's en een maaltijd. Als we terug lopen is de temperatuur nog steeds heerlijk. Het heeft hier helemaal niet gesneeuwd en de wind is gaan liggen. Onderweg kopen we een T shirt in een ger die op een grote houten kar van twintig meter breed staat, die vroeger wellicht getrokken werd door ossen. Het shirt kost € 10 en is van goede kwaliteit.
Het is warm in onze kamer en we hebben vreselijk harde bedden.

Donderdag 19-9 Transmongolië Expres (China)

Ontbijtbuffet om 6:30 uur, want om 8:00 uur vertrekt de trein. Onze chauffeur en gids zijn te laat en wij vertrekken in een busje met andere Nederlanders. Bij het station komen ze alsnog aangehold en kunnen we afscheid nemen. Als de trein komt, begeven we ons naar ons treinstel, maar we mogen er niet in. Hij schijnt gereserveerd te zijn voor een groep toeristen. En wij dan? Wij zijn ook een groep toeristen. We moeten het maar omruilen, zeggen ze, maar wij gaan niet weg en houden ons ticket goed vast. Wij gaan in ieder geval met deze trein mee. Kost wat kost. We blijven zeuren en voor de deur staan, want zolang stopt de trein hier niet. Eindelijk vult een vrouw een ander treinstel in en een andere coupénummers. Ze rent er naar toe en wij er achteraan. Er wordt nog even heen en weer gepraat voor de deur voordat we er in mogen, maar dan zijn we in ieder geval ín de trein. In twee coupés naast elkaar zijn elk twee plaatsen vrij en wij vragen een stel om te verkassen, wat ze zonder problemen doen. Hè, hè, we zitten. Er ligt wel een hoop troep onder de bank zodat het even passen en meten is om onze spullen kwijt te kunnen. Een paar mensen van de spoorwegen komen kijken waar hun spullen zijn en als we wijzen zijn ze tevreden en verdwijnen ze weer. Het treinstel heeft bredere banken zodat het middenstuk wat smaller is. Hij is wat ouder, het raam sluit niet helemaal goed, maar we hebben nu ook een tapijtje op de grond van de coupé en doeken op de banken. Met z'n vieren moeten we het raam dicht doen. Het is allemaal oud en werkt niet meer zo goed. Het tafeltje kan niet naar beneden zodat je moeilijk bij het raam komt. Gerda en Lia houden de bedden omhoog, zodat Carlo en Martijn het raam omhoog kunnen duwen, wat met moeite lukt. Afblijven voor de rest van de reis.
We krijgen thee met suiker van de provodniks. Er zitten zo te zien geen handelaren op de trein die leeg was toen we instapten. We krijgen een thermoskan met heet water, terwijl er ook een samovar aanwezig is, en lakens en handdoeken. Het is zonnig maar koud, alleen in de verte zien we wat wolken. Het landschap is iets heuvelachtiger, kaal met laag geelbruin gras: de Gobi-woestijn. Af en toe zien we een roofvogel, een paar huizen. Het is vooral leeg.
Men deelt hard plastic bakjes uit met kip en rijst. We hoeven niet te betalen zeggen ze, maar dat zal achteraf wel komen (niet dus). De eerste maaltijd deze reis met stokjes. En zeker niet de laatste. Er komen regelmatig mensen langs (op weg naar de 'pectopah' ongetwijfeld) en die laten bijna allemaal de tussendeur openstaan, zodat er een koude golfstroom onze kant opkomt. Ze zouden drangers op die deuren moeten zetten. We schreeuwen ze allemaal achterna dat ze de deur dichten moeten doen, maar ze kijken alleen maar verstoord om. Daarom doen we de deur van de coupé maar dicht, zien we ze niet en hebben we er geen last van. Als we in Choyr (6.544 km van Moskou) stoppen, is het buiten een stuk aangenamer. Lekker warm en geen wind. We kopen koekjes en water. Het wordt weer zomer en steeds warmer. Het is zowat veertig graden warmer dan vannacht. Af en toe zien we kamelen, kraanvogels en nog meer roofvogels. En ineens drie bomen, waarna het weer kaal wordt. In de trein is geen bier te koop en daarom wachten we tot het volgende station: Sayn Shand (6.771 km). Er is koud bier dat steeds goedkoper wordt hoe langer de trein stil staat. Ze hebben niet echt veel en we moeten op zoek. We bemachtigen acht blikjes van een halve liter (Koreaans bier dit keer) en wikkelen er vier in kranten om ze koud te houden. Ook kopen we wat worst en broodjes. We zien verschillende mensen die het eerste stuk ook in dezelfde trein hebben gezeten en we wisselen ervaringen uit. We zijn de enige die sneeuw hebben gehad. Bij elke spoorwegovergang staat iemand met een vlaggetje om het verkeer tegen te houden. Het wisselen van onderstel
Als de trein stopt in Dzamyn-Ude (7.009 km) bij de Mongoolse grens maken we een kopje soep. We zijn te vroeg (een half uur) en moeten waarschijnlijk wachten tot het de goede tijd is (20:00 uur). En weer moeten we allerlei formulieren invullen en voor de rest is het wachten. Wat ze in 's hemelsnaam allemaal doen? We zouden het niet weten. Af en toe rijden we een paar minuten om daarna weer stil te staan in de middle of nowhere. Om 23:00 uur zijn we aan de Chinese kant. Weer formulieren invullen. De klok zetten we een uur terug (in verband met de zomertijd) en het is nu zes uur later dan in Nederland. De wc blijft al die tijd op slot. Uiteindelijk rijden we naar een soort hangaar waar de trein een ander onderstel krijgt, omdat het Chinese spoor smaller is dan het Russische en het Mongoolse. We mogen de trein niet uit. Alle wagons worden losgekoppeld en komen in twee rijen naast elkaar te staan, zodat we mooi kunnen zien wat er gebeurt. Hydraulische liften tillen de wagons van het onderstel af, waarna er een ander onder geschoven wordt. Daarna moet alles weer aan elkaar gekoppeld en getest worden, wat gepaard gaat met toeters en heftige schokken. Alles bij elkaar (vanaf de Mongoolse grens) heeft het vijfenhalf uur geduurd.

Vrijdag 20-9 Transmongolië Expres, naar Peking

We hebben de woestijn achter ons gelaten en er is buiten meer te zien. Een gevarieerder landschap met veel bomen, bergen, akkers, zonnebloemen. Na Dutong (7.479 km) zien we de Chinese Muur liggen. We drinken een bakje koffie en genieten van het uitzicht. Hier in China geeft de trein een signaal als hij gaat vertrekken. Waarom kan dat in Rusland en Mongolië ook niet. Een kleine moeite lijkt ons. Carlo en Gerda hebben wat te eten gehaald bij de afhaalchinees, de restauratiewagen dus. Lekker vlees en ei. We betalen in dollars omdat we de Mongoolse tugriks niet hebben kunnen wisselen voor Chinese yuans bij de grens. Dit in tegenstelling tot de Lonely Planet die meldt dat dit wel zou kunnen. Vanaf het station in Qiunglangkian (7.783 km) hebben we mooi uitzicht op de Chinese Muur. Er is een korte stop en iedereen holt om een mooie foto te kunnen maken. We passeren wat tunnels en gaan op weg voor het laatste stuk naar Peking. De trein loopt naar beneden en de snelheid is erg laag en er moet hard afgeremd worden. Af en toe stopt de trein om de remmen af te laten koelen. Je kunt dan snel de trein uit om marihuanaplanten te plukken die in de berm groeien.
Om 15:00 uur komen we in Peking aan. We zijn blij dat we er zijn. Lia en Carlo gaan geld wisselen, maar niet alle banken doen dat. Uiteindelijk vinden we er een, maar het Mongoolse geld blijkt niet inwisselbaar. Daar blijven we dus mooi mee zitten. We zien wel. Misschien gaat er binnenkort wel iemand naar Mongolië... 1 yuan = € 0,12. Dat wordt even wennen. We horen meteen weer rochelen, boeren en spugen. Verschillende mensen dragen een soort weckfles met thee en het is er druk, druk, druk. Wat een verschil met Mongolië. Ondertussen vinden Gerda en Martijn uit dat het hotel vrij dichtbij is. We vragen het aan omstanders die dat bevestigen en we besluiten te gaan lopen. Het is inderdaad niet ver en het ziet er goed uit. Ruime kamer (niet zoals in Ulaan Baatar) en niet aan de drukke straatkant. Lekker midden in het centrum. We gooien onze spullen neer en lopen naar de supermarkt die we onderweg al gezien hadden: anderhalve liter water kost € 0,55 en een blikje bier € 0,30. We kunnen het bijna niet geloven en rekenen de koers nog eens na, maar het klopt. We willen gaan eten op de nachtmarkt. De vorige keer dat we in Peking waren (tweeënhalf jaar geleden), hebben we niet echt een leuke eettent gezien. We lopen door een brede winkelstraat, voetgangersgebied met allemaal luxe winkels. Het is weer even wennen met al die mensen na Mongolië. Zo stil als het daar was, zo druk is het hier.
Krekel-saté op de avondmarktOp de nachtmarkt staan allerlei kleine kraampjes naast elkaar die van alles verkopen: satés, niet van de kleintjes als bij ons, maar vijf keer zo groot. Veel vlees in allerlei soorten, broodjes met vlees, momo's, groenten, paddestoelen, fruit, loempia's, vis, slang, krekels. Zin in een sateetje gefrituurde schorpioentjes? Kan allemaal. We nemen bij verschillende kraampjes wat, waarbij vooral de vis en de loempia's die gemaakt worden waar je bij staat, erg goed smaken. Het is geweldig. Er zijn niet veel andere toeristen en maar een enkeling is aan het eten. Chinezen genoeg. We hebben ons helemaal vol gegeten voor maar € 7,20 ... met z'n vieren. Hierna zitten we ergens op een terrasje, maar nergens verkopen ze bier. Het is nog 21º. We lopen wat kleine smalle zijstraatjes in en wanen ons echt in 'Chinatown' met kleine winkeltjes, stalletjes en eettentjes. Ook hier is weer van alles te eten en vooral de satés zijn populair. Er zijn ook restaurantjes (een groot woord) met een tafel en wat krukjes buiten. En ze verkopen bier. Wellicht wat voor morgenavond.

Zaterdag 21-9 Peking

De vliegtickets voor a.s. dinsdag liggen klaar. Tot nu toe is alles uitstekend georganiseerd. We gaan eerst ontbijten. Aan een stalletje kopen we broodjes met gebakken ei, iets van prei en nog iets vaags: € 0,60 voor vier personen. 't Is geen geld. We dwalen door de straten vol met kleine winkeltjes. Het is niet zo druk, weinig toeristen hier. Kleine winkeltjes met een vreemde combinatie aan te verkopen spullen. Zo heeft een schoenenzaak een hoekje voor frisdrank, een zaak met fotospullen verkoopt ook tuingereedschap en een horlogerie heeft koekjes. Het Plein van de Hemelse VredeWe belanden bij het Tien-an-men-plein en lopen er over heen. Men is van alles aan het opbouwen: een stuk Chinese Muur, een wereldbol, een tuin met torens. Het is er druk, maar lang niet zo erg als tweeënhalf jaar geleden. Hier zijn alleen maar toeristen, het merendeel Chinese groepen, die allemaal hetzelfde petje op hebben en achter een paraplu of vlag aanlopen. We halen ergens wat flesjes cola en fanta. Het valt ons op dat alles er goed verzorgd uit ziet. Veel bloemen. Misschien al voor de Olympische Spelen in 2008 (!) waarvoor ze nu al volop petjes, vlaggetjes en T shirts verkopen. Men is hard aan het werk om alles op te knappen. Overal zie je straatvegers die elk blaadje nauwkeurig opvegen. Veel fietsers en de rijpaden voor fietsers zijn vaak breder dan de banen voor auto's. Bij de werkende verkeerslichten staan ook nog eens agenten die de mensen echt tegen moeten houden. De openbare wc is gratis. We gaan een groot warenhuis in vol met roltrappen en kleding. Erg modern en het ziet er nog nieuw uit.
Op sommige stukken staan hekken waarachter de hele boel is plat gegooid. Allemaal voor de Olympische Spelen. Men moet tenslotte een goede indruk maken en alle oude hutongs zullen hierdoor verdwijnen. Terwijl die buurtjes de stad juist zo leuk maken. We kopen een kilo druiven voor de nodige vitaminen en wat biertjes. Tijd voor siësta. Het is warm: 30º.
We kopen ook iets raars: een plastic zakje met rode gel en een klikding. Als je daar op klikt, wordt het hele zakje erg warm en het blijft twee uur warm. We zijn benieuwd hoe lang het blijft werken (€ 3,50). 's Avonds gaan we weer naar dezelfde buurt als gisteren en komen toch weer op de nachtmarkt uit. Het is er veel drukker dan gisteren, ook met toeristen. Maar die vallen in het niet bij al die Chinezen. We zien zelfs een dappere toerist met een sateetje sprinkhaan. We lopen daarna door een nieuw warenhuis met allemaal verschillende winkels met dure wereldmerken. We drinken koffie in een Deense tent die weer erg duur is. We zien veel Chinezen die verbaasd naar al die luxe om hen heen kijken. Het is duidelijk allemaal nieuw. Men is met een hele grote opknapbeurt bezig om Hongkong naar de troon te steken. We halen nog wat bier bij een tentje in de buurt van het hotel: drie blikjes en vijf flessen van 0,64 liter samen voor 19 yuan terwijl een blikje in het hotel 20 yuan kost. In die kleine tentjes spreekt men geen Engels, geen woord. Als de man eindelijk begrijpt dat we vijf flessen bier willen, is hij een en al verbazing. Vijf flessen! Doosje bij?

Zondag 22-9 Peking

Ons doel voor vandaag is het Zomerpaleis. Zo stellen we ons elke dag een of meerdere doelen. Dat kan variëren van (in de trein) tot het kopen van een fles water op een station tot het halen van een vliegtuig. Gisteren hebben we niet alles bereikt: internetten is niet gelukt. Er is kort geleden ergens brand geweest en nou zijn alle internetcafés gesloten.
Maar vandaag dus het zomerpaleis. We willen met de fiets, maar op de plaats waar volgens ons een fietsverhuurbedrijf moet zitten, is alleen een stalling. Ze wijzen wel ergens naar rechts als we doorvragen, maar Chinezen wijzen altijd ook als ze geen flauw idee hebben. Dat vertrouwen we dus niet en we gaan met het openbaar vervoer. We slaan achterover van verbazing als we de Chinezen netjes in een rij zien staan bij de kaartverkoop van de metro. En er wordt ook niet geduwd en voorgedrongen. Het gerochel en geboer is een heel stuk minder en alle bordjes in de metro zijn ook in het Romeinse schrift. Alleen Engels spreken de mensen nog niet. Een complete verandering ten opzichte van tweeënhalf jaar geleden. Dat men zo'n heel volk in zo'n korte tijd dat heeft kunnen bijbrengen. Dat zou bij ons nooit gelukt zijn. Eerst twintig minuten met de metro (3 yuan p.p.) en dan moeten we een bus vinden, waarvan we een nummer hebben, maar die we niet meteen kunnen vinden. Ook hier is men volop aan het bouwen en kloppen de plattegronden in onze gidsen niet meer. Uiteindelijk stappen we in een overvolle bus; we proppen ons erin en het blijkt de goede bus. Er is een aparte conductrice voor de kaartjes en ze steekt de duim en pink van een hand op, zodat we weten dat we 6 yuan moeten betalen (met z'n vieren).
Tempel in het ZomerpaleisHet paleis lig twaalf kilometer buiten de stad. Het is ettelijke keren verwoest en weer opgebouwd o.a. met geld dat bestemd was de wederopbouw van de Chinese marine. Het is een groot gebied aan een meer dat enigszins verkoeling brengt. Het is een erg warme, zonnige dag en kunnen ons goed voorstellen dat de keizerlijke familie 's zomers hier zijn tijd doorbracht. Veel bronzen beelden, veel meubilair, veel tuinen, tempels, poorten. Er is een 728 meter lange galerij langs de oever van het meer, beschilderd met landschappen en mythologische scènes. Vanaf het paviljoen van de Geurende Boeddha hebben we mooi uitzicht over de tempels, het meer met veel bootjes met daarin Chinezen (die daar dol op zijn) en met op de achtergrond de skyline van Peking. Entree 30 yuan + 10 voor de Geurende Boeddha. Het lijkt er op dat we hetzelfde betalen als de Chinezen. Ook wat dat betreft is er heel wat veranderd. We nemen dezelfde bus terug, maar die neemt een andere weg. Er wordt verteld waar we er uit moeten, maar daar kunnen we de metro niet vinden. We gaan lopen (de verkeerde kant op) en als we weer op de kaart kijken, komt er altijd wel iemand op je af die wil helpen. We hebben genoeg gelopen en nemen een taxi terug naar het hotel, die slechts twee keer zo duur is als de metro omdat we één taxi hebben met z'n vieren. Ze hebben allemaal een meter, dus hoef je niet te pingelen.
's Avonds gaan we voor de Peking Eend. Omdat we daar alle vier van houden, moet je dat hier een keer eten. Vlakbij het hotel zit het 'Kleine Pekingeend Restaurant', dat wij erg groot vinden. Maar het 'Grote Pekingeend Restaurant' is pas echt groot en heeft eenenveertig zalen waar vijfentwintighonderd mensen kunnen eten. We eten eindelijk weer eens aan tafel en bestellen een hele eend van de beste kwaliteit, zoetzuur vlees met ananas en een gemengde groenteschotel (voor de vitaminen). De laatste twee komen het eerst en we zitten er lekker met onze stokjes in te prikken. De stukjes champignons zijn lastig, want die zijn erg glad. De eend wordt aan tafel gefileerd en we krijgen schoteltjes met huid, vlees, gemengd en kop met hersens. Bij de eend krijgen we pannenkoekjes, bosui, komkommer en een sausje. Alles oprollen en smullen maar. En dat doen we dan ook en alles gaat schoon op. We zijn de enige toeristen in het restaurant en we hebben veel bekijks. Men kijkt gretig toe hoe wij de eend eten, maar we hebben het kunstje afgekeken en we weten hoe het moet. We verbazen ons over de naburige tafels waar overal veel blijft staan. Men eet hier vroeg. Om 20:30 uur is het restaurant zowat uitgestorven, terwijl het om 19:00 uur moeilijk was om een tafel te krijgen. Kosten 260 yuan voor vier personen (€ 30). Nog goedkoop, maar duur voor hier. We vallen wel van het ene uiterste in het andere.

Maandag 23-9 Peking

Het is warm vandaag. Erg warm. Het lijkt wel of het elke dag een paar graden warmer wordt en toch is het al eind september. Maar beter zo dan dat gure weer met regen. We klagen dan ook niet echt.
Fietsen in ChinaWe besluiten naar de Verboden Stad te gaan en ook hier zijn alle prijzen gelijk. Tweeënhalf jaar geleden zijn we hier ook geweest, maar toen hebben we niet veel gezien door de enorme drukte. Nu valt het mee. Het is enorm groot en overal lopen grote groepen met petten achter paraplu's aan. Chinezen kunnen geen foto maken zonder dat er een bekende, stijf in de houding, op staat. We hoeven maar twee keer te dringen (om de tronen te zien), maar daar zijn wij goed in. Een hardnekkig voordringer wordt door Martijn helemaal achteraan gezet. Ook hier zouden we graag eens teruggaan in de tijd om te kijken hoe het hof toentertijd leefde.
We kopen wat flesjes frisdrank en twee halve liters yoghurt en drinken die op een stoeprandje op. We wandelen wat verder naar het zuiden en zien het resultaat van de komende Olympische Spelen. Hele buurten met oude hutongs zijn al afgebroken en nu staan er moderne flats voor in de plaats. Binnenkort is er geen hutong meer over en is een grote bezienswaardigheid verdwenen in Peking. Dan blijven alleen de bekende toeristenplaatsen over als de Verboden Stad en is er niets meer aan om door de straten te slenteren. Of je dan in Peking zit of in een andere grote stad in China maakt dan niet meer uit. Ze worden allemaal hetzelfde. De mensen in die nieuwe buurten zijn ook niet blij. Dan kan bijna niet anders: vroeger leefde men buiten op straat met kleine handeltjes; nu zitten ze binnen op driehoog-achter.
Om 15:00 uur zijn we moe, hebben we het erg warm en houden we het voor gezien. Later drinken we wat met Gerda en Carlo en wisselen ervaringen uit. We eten dicht bij het hotel, weg van het centrum en zien een tentje dat ons wel wat lijkt: vol met Chinezen en een lege tafel. We krijgen een menukaart in het Chinees waar we dus niets mee kunnen. We worden geholpen door een zeer voortvarende juffrouw die met verschillende blikjes drank op ons af komt: wat we willen drinken. Piyu dus (bier). 'Een' vraag ze en als wij antwoorden met vier, verschijnt er een grote grijns op haar gezicht. Ze pakt ons woordenboekje en wijst wat dingen aan. Wij vinden alles goed en wachten af wat er komt. Geweldig vinden we het. We genieten. We krijgen zoetzuur varkensvlees, groente met ansjovis, een soort tahu met paprika en een spetterende schotel met rundvlees en rijst. Het smaakt uitstekend (95 yuan voor vier personen).

Dinsdag 24-9 Naar Chongqing

Met de taxi laten we ons naar het vliegveld brengen voor de vlucht naar Chongqing in Midden-China. Het is een grote taxi (van 2 yuan) en daar kunnen we allemaal plus bagage in. We betalen de luchthavenbelasting en willen inchecken. Weer vallen ons de nette rijen op; geen gedrang, geen geduw. Op de weg nog wel: men wringt en friemelt zich overal tussen, verandert zonder op of om te kijken van rijbaan, alle andere auto's gaan dan mee opzij. Er wordt niet getoeterd en gekankerd, niet met de vinger gewezen. Wel is het vaak millimeterwerk. Maar het gaat (bijna) altijd goed. Toch is er bij het inchecken nog een Chinees die bij ons probeert voor te dringen. Maar wij zijn groot en breed. We zijn dan wel toeristen, maar niet gek en wijzen de man het einde van de rij. Hij begint ons uit te schelden, maar daar zijn wij niet van onder de indruk en hij druipt af. De vluchten worden in het Engels omgeroepen, maar we krijgen geen cadeautjes meer zoals vorige keer.
Nou, we zitten eindelijk in het vliegtuig, niet in het oorspronkelijke, maar we zijn op weg naar Chongqing. We hadden gewoon ingecheckt en we zaten samen met allemaal Chinezen te wachten om in het vliegtuig te stappen. Op een gegeven moment begint iedereen naar de balie te hollen, zoals dat gewoonlijk gaat. Alleen nu komen de mensen terug en lopen weg. Allemaal. We gaan maar eens vragen en meer dan 'plane broken' kunnen ze niet uitbrengen. We hollen maar achter al die mensen aan die lijken te weten waar ze heen moeten en ze gaan met z'n allen om een helpdesk heen staan dringen. Er gebeurt niet zo veel, maar opeens komt de groep weer in beweging en wij rennen er maar weer achteraan. Samen met een Duits stel zijn wij de enigen die geen Chinees spreken en dus niets van de mededelingen begrijpen en op die manier overal achteraan staan. We staan nu bij een balie om de tickets om te ruilen. Een paar kijvende, blèrende vrouwen staan vooraan en schreeuwen de hele vertrekhal bij elkaar. Wat een viswijven. Gerda, blond met blauwe ogen, gaat maar eens vooraan informeren samen met de Duitse man. Wij blijven in de rij. Lia is de contactpersoon en loopt heen en weer tussen Gerda en de mannen. Het blijkt dat het vliegtuig inderdaad problemen heeft en niet weg gaat. Wel vertrekt er om 13:40 uur nog een vliegtuig naar Chongqing, maar daar kunnen maar vijftig mensen mee. De rest zou om 18:00 uur moeten. Daar hebben we helemaal geen zin in en we tellen de mensen in de rij voor ons. Dat redden we dus niet en we gaan gebruik maken van onze afwijkende huidskleur. We liegen dat we vanavond nog met de boot mee moeten (in werkelijkheid is dat pas morgen), maar ze verstaan geen Engels. Eindelijk vinden we iemand die als tolk kan fungeren en als die het een paar keer vertelt, krijgen we de garantie dat we om 13:40 uur meekunnen. Iemand verdwijnt met onze tickets en verschijnt met de gewijzigde. Dan moeten we onze bagage weer terug zien te krijgen. Iemand loopt met ons mee naar de aankomsthal waar zowaar, na enige tijd, alleen onze bagage verschijnt. Wij gaan weer naar de vertrekhal om opnieuw in te checken. ChongqingHet systeem valt uit als wij aan de beurt zijn en daarna verbaast het de mevrouw zichtbaar dat er nog instapkaarten uitkomen. Gelukkig hoeven we niet opnieuw luchthavenbelasting te betalen; daar begrijpen ze ons meteen. Weer door de douane (je kan maar druk zijn), weer wachten, want op de vertrektijd is er nog geen vliegtuig. Maar uiteindelijk komt alles goed en komen we slechts een paar uur te laat in Chongqing aan. We zitten in de goede plaats (we verbazen ons nergens meer over) en nemen een taxi naar het hotel. Met wat passen en meten en bagage op schoot kunnen we weer alle vier in één taxi. Ook hier is het lekker weer. Warm, maar wel meer bewolking en een beetje nevelig. Geen regen gelukkig, terwijl de BBC steeds wolken met regen boven dit gebied liet zien. We horen niets meer over de wateroverlast dus die zal wel voorbij zijn.
We lopen snel even de stad in (de grootste stad van China) naar de haven. Het is een grijze, grauwe stad zonder fietsers. Heel speciaal voor China. De straten gaan nl te veel op en neer. We zijn een beetje uitgeblust en gaan in het hotel eten. De kaart is zowel in het Chinees als het Engels. Gelukkig, want we hebben ons woordenboekje vergeten. Er is hier duidelijk een andere keuken en herkennen het zoetzure varkensvlees niet eens. Daarnaast hebben we nog ei met tomaat, spinazie, rundvlees op een sizzling-schotel en kip met nootjes. Vooral dat laatste is erg apart: alles is in hele kleine stukjes gehakt. Je legt een schep op een blaadje ijsbergsla en hapt dat dan zo naar binnen. Erg pittig, zoals in deze streek het meeste eten, maar ook erg lekker. Vooral die combinatie. Zoiets kennen we nog helemaal niet. Het restaurant zit vol met (dronken) Chinezen, die een enorme herrie maken. Allemaal hebben ze een soort strijdkreet, die voortdurend keihard door de zaal wordt geschreeuwd. Bij hun tafels staan hele kratten bier en veel wijnflessen. Het is er (volgens goed Chinees gebruik) een zootje. We vinden onszelf wel erg beschaafd.

Woensdag 25-9 Chongqing, boot Yangtze-rivier

Het ontbijt is inbegrepen wat we niet verwacht hadden. Maar het is eigenlijk niks: anderhalf rot ei, wat vreemde groente en rare broodjes en een bakje met witte, ondoorzichtige koude drab. Daarna gaan we de stad in. We moeten geld wisselen en we willen internetten. Wisselen is geen probleem, maar ook hier kunnen we geen internetcafé vinden. Er spreekt ook amper iemand Engels en als we eindelijk zo'n Chinees hebben gevonden, wil hij wel met ons meelopen. Maar goed ook, anders hadden we het nooit gevonden. Het staat er niet op aan de buitenkant en we moeten door een plastic dradenhek met daarachter een donkere ruimte. Als we even doorlopen komen we in een enorme grote verlichte ruimte met talloze pc's. Ze zijn alleen niet zo snel en een bericht versturen aan vijftien adressen moet in etappes gebeuren, omdat we anders foutmeldingen krijgen. Het kost 3 yuan (€ 0,36) voor anderhalf uur. Geen geld dus. We lezen onze berichtjes en bekijken meteen de voetbaluitslagen en het nieuws. Daarna gaan we koffiedrinken en worden we afgezet. Voor het eerst deze reis. De rekening is veel te hoog en we moeten meteen weg, omdat ze gaan lunchen. We vragen ze om de koffie op de menukaart aan te wijzen en dan gaat er de helft van de prijs af.
We bezoeken de Arhattempel die helemaal ligt ingeklemd tussen hoge flatgebouwen. We eten er een hapje en gaan dan weer verder. Ook in deze stad worden volop flatgebouwen gebouwd. Het geeft een groot contrast met de oude huizen. Nou zien die er ook niet erg goed meer uit, maar toch. Straks is er geen verschil meer met andere steden. ChongqingDe stad is gebouwd op heuvels en de straten zijn dus niet vlak. Het schijnt de enige plaats in China te zijn waar geen fietsers zijn. Zoals overal geeft ook hier oversteken problemen. Als het voetgangerslicht op groen staat, wil dat helemaal niet zeggen dat je veilig over kunt. Als er geen verkeerslicht is, loop je langzaam, liefst met een groepje mensen, de straat op en probeert auto's te ontwijken; je moet geregeld midden op straat even stoppen, want dat doen de auto's en zeker de bussen niet. Toch zien we nooit ongelukken gebeuren. Iedereen die ons aanspreekt vraagt of we 'met een groep' zijn. Als wij ze vertellen dat 'wij de groep zijn', is iedereen verbaasd. We vinden met veel moeite een plaats waar we zittend wat kunnen drinken. Terrasjes en cafeetjes kennen ze niet. Een gat in de markt! Daarna gaan we terug naar het restaurant van gisteren om snel een hapje te eten. Vervolgens gaan we naar de boot voor de driedaagse boottrip over de Yangtze-rivier. Een mevrouw loopt met ons mee, gelukkig loopt de weg naar beneden (we moeten onze bagage zelf dragen), en een heel stuk gaan we met een soort kabeltreintje omlaag. Wij zitten op het bovenste dek aan de meest luxe kant. Wij hebben de Chinese boot geboekt en niet de toeristenboot, omdat ons dat veel leuker lijkt. De boten hebben verschillende klassen, volgens Chinese logica beginnende met de tweede klasse. Op ons dek zitten we tussen de rijke Chinezen en ligt er buiten tapijt op het dek en in onze vierpersoonshut hebben we een eigen badkamer met wasbak, douche, wc, airco, kakkerlakken en een kleurentelevisie. In de goedkopere delen, kookt men z'n eigen potje en hebben ze gemeenschappelijk sanitair. De Chinezen kennende, zijn we blij met onze hut. Wat betreft de boot moet je het ook treffen en is de ene wat beter, luxer dan de andere. Wij hebben het getroffen, geloven we. Naast ons zijn er slechts enkele andere buitenlandse toeristen, Nederlanders natuurlijk. De rest zijn allemaal Chinezen. We zijn blij dat we op het bovenste dek zitten. Hebben we in ieder geval geen last van wat de Chinezen over boord rochelen en spugen. Carlo gaat op avontuur en komt snel terug met vier blikjes koud bier (15 yuan per stuk). Het kost ons nog enige moeite om een paar extra lakens te krijgen, er liggen alleen onderlakens, want iedereen spreekt alleen Chinees. Om 20:00 uur vertrekt de boot. Het regent een beetje maar het is nog steeds erg warm. Tijdens het varen waait er een lekker koel briesje.

Donderdag 26-9 Boot Yangtze-rivier

Op de bootWe slapen niet al te best. Waarom weten we eigenlijk niet. Het wiegt lekker en het is veel minder schokkerig dan de trein. Om 3:00 uur (!) 's nachts leggen we aan bij Fengdu, wat gepaard gaat met een hoop herrie: anker uitgooien, scheepstoeters, geschreeuw van mensen. Het blijft onrustig en we staan maar op. Tegen zessen verlaat iedereen de boot om de 'stad der geesten' te bezoeken. Er is een tempel gewijd aan de God van de Onderwereld. We hobbelen achter de mensen aan en overal zijn groepen die achter een vlag aan lopen. Die gidsen vinden dat wij dat ook moeten doen en dus lopen wij achter een blauwe vlag. Wel gemakkelijk eigenlijk, want zo worden de kaartjes voor ons geregeld. Maar voor de rest is het drie keer niks. Een grote poppenkast is er van gemaakt en het heeft wel wat weg van de Efteling. Het uitzicht zou mooi kunnen zijn als het helder is; en dat is het niet: laaghangende bewolking. We gaan snel weer terug en hebben moeite met het vinden van onze boot; er liggen er zoveel. We zitten dan eerst ook op een verkeerde, maar uiteindelijk komt alles goed. Om 8:00 uur zitten we aan ons ontbijt: brood met worst en tijgerbolletjes met banaan en koffie en thee. Het is pas zo vroeg en we hebben het idee dat we er al een dag op hebben zitten. Het is warm en erg vochtig weer. Geen zon, nevelig en af en toe een spat regen. Schijnt hier vaak zo te zijn. Deze plaats zal 'na de dam' helemaal onder water komen te staan. Tientallen meters. Het is moeilijk voor te stellen. Wel zien we al veel huizen leegstaan en wordt er volop verhuisd. Tegen tienen gaan we weer verder. Er is niet veel te zien, daarvoor is het veel te heiig. Overal zien we dorpen en stadjes met aan de oever echte afbraakbuurten. Hogerop de hellingen, boven de nieuwe vloedlijn, liggen de nieuwe flats. Wij vragen ons af of er wel goed gerekend is en hoe hoog het water uiteindelijk echt zal komen.
We zijn een soort luxe aan het kamperen: we halen heet water voor koffie en thee; de kopjes staan op de grond en buiten staan twee stoeltjes voor vier personen. Op de kade scharrelen we eten bij elkaar. Leuk. In de hut is een geluidsinstallatie waarop muziek afgewisseld wordt met mededelingen in het Chinees. Hij kan wel zachter, maar niet uit. Jammer, want om 5:00 uur 's morgens hebben we daar niet echt behoefte aan. Overdag zijn we vooral lui: lezen, eten, soep, koffie, nootjes, bier. 's Middags slapen we nog een paar uur. Af en toe leggen we kort aan bij een stadje. Bij de Zhang Fei Tempel is weer een excursie georganiseerd. We besluiten om niet mee te gaan. Het is al half donker en van boven af de boot slaan we de uittocht gade. Het is erg stil op de boot; iedereen gaat mee. Als iedereen weg is, gaan wij beneden aan de kade kijken of er nog wat te eten is. Als noodrantsoen hebben we noedelbakjes, maar als er wat anders is… We kopen overheerlijke, pittige gebakken aardappeltjes en bakjes met rijst en groenten: voor vier personen samen 16 yuan (€ 2). We halen nog wat bier en telkens komen we met een ander merk terug. Nu hebben we flessen koud bier voor 10 yuan per stuk. Onderweg zien we regelmatig andere boten. Sommige heel luxe, compleet met zwembad, bioscoop, sauna, casino en natuurlijk een karaoke-bar. Wij blijven blij met onze boot, vooral met het buitendek voor de deur. 's Avonds leggen we een kaartje, klaverjassen. We leggen weer ergens aan en bekijken alle sjouwers die heel veel dozen van boord halen.

Vrijdag 27-9 Boot Yangtze-rivier, Yichang

De boot had al heel vroeg aangelegd en we werden 's nachts dan ook niet gestoord. Wel gaat om 6:00 uur de stem weer aan en er volgt muziek. Er liggen een heleboel cruiseschepen voor de kade. Een excursie naar de Drie Kleine Kloven staat op het programma. Deze zijn wat smaller en zouden daardoor spectaculairder zijn. Wij hebben geen zin om hier 100 yuan voor te betalen en dan met een enorme horde (met alle boten die hier liggen) daar naar toe te gaan. Bovendien doen ze ook nog allerlei toeristische plekjes aan die niet de moeite waard zijn volgens het boek. We gaan wel even van boord en kopen brood en eieren. 's Middags halen we wat gebakken aardappelen. Veel meer doen we niet. OnderwegHet weer wordt wel beter: zonnig. Koud is het nog steeds niet. Het is helderder dan gisteren. De excursie zou om 13:00 uur terugkomen, maar door het hoge water en het feit, dat ze stroomopwaarts moesten varen (dat is toch altijd zo?), werd dat 16:30 uur. Wij balen. Want zo zien we niets van de kloven waar we nog door zullen varen, want dan is het donker. De boot gaat wel meteen weg en we gaan naar het voordek waar wij eigenlijk niet mogen komen. Maar wij kunnen geen Chinees lezen en niemand houdt ons tegen. Een mooie kloof, wat heiig ondertussen. Overal zien we borden staan die aangeven hoe hoog het water zal komen 'na de dam'. Op 1 november van dit jaar begint men met het afsluiten van de rivier; daarna zal het water honderdvijfendertig meter stijgen en in juli volgend jaar staat het honderdvijfenzeventig meter hoger dan het nu is. Niet voor te stellen. Het is dan ook de laatste maand dat je nog een cruise kan maken. Het blijkt bijna niet meer mogelijk om aan een kaartje te komen. Goed dat we dat in Nederland al hebben geregeld. We kopen een blikje vis voor bij het brood en maken de noedels op. We dachten dat de vis een soort haring in tomatensaus was, maar het blijkt iets gedroogd te zijn. Smaakt ook goed. De kloof is mooi, maar niet echt spectaculair. De dam zien we niet goed, want op dat moment is het donker. Wel stroomt iedereen overal vandaan naar dezelfde kant van de boot, zodat deze aardig scheef komt te liggen.
Om 1:30 uur zijn we pas in Yichang in plaats van om 22:00 uur. Tot onze verrassing staat er bij de uitgang iemand met een bordje van Koning Aap en dat blijkt ook nog voor ons te zijn. Was volgens ons niet afgesproken, maar we zijn er wel blij mee. We worden in een busje geladen, we passen er net in, en worden naar ons hotel gebracht.

Zaterdag 28-9 Yichang

De dam in aanbouwDe man van het busje (de plaatselijke reisagent) laten we buskaartjes regelen voor morgen naar Wuhan. Ook heeft hij excursies in de aanbieding voor de dam: busje + gids + entree. Doen we ook maar, hoeven we zelf verder niets te regelen.
Op CNN-televisie is bij het weerbericht voor deze streek nog steeds een grote wolk met regen te zien. Buiten is het helder blauw, geen wolkje te zien, zeer aangename temperatuur. We gaan eerst Chinees ontbijten: op straat met een bak noedels; verse noedels met groente, vlees en kruiden. Men vraagt altijd of we de pittige kruiden erbij willen en die willen we altijd, maar niet te veel. Het eten van zo'n soep met van die lange pastaslierten met stokjes is niet goed voor onze schone T shirts. Het smaakt heel erg goed en kost maar 1,3 yuan (€ 0,15) p.p. en het vult zo goed, dat we voor de hele dag hebben gegeten. We denken goedkoop uit te zijn, maar even later gaan we koffie drinken voor 25 yuan p.p. Dat schiet dus niet op. Wel erg lekker trouwens. De prijs is van tevoren bekend en ze hebben allerlei soorten: Brazil, Columbia.
Yichang is volgens Chinese begrippen een dorp met 350.000 inwoners. Wij vinden het een gezellig stadje. Geen nieuwbouw die in de plaats komt van de oude kleine huisjes, lekker rustig, weinig fietsers, aardige mensen, leuke markt met groente, levende dieren (kippen, eenden, hondjes, vissen, alen, slangen, kikkers) en fruit. We kuieren wat door de stad want echte bezienswaardigheden zijn er niet. Ze maken ons attent op het festival van volgende week en wij zijn blij dat we dan net China uit zijn. Dat hebben we mooi gepland. Toen we vorige keer in China waren, was het begin mei ook festival en toen was het overal zo verschrikkelijk druk. Niet leuk meer. Op dat moment hadden we besloten om nog eens terug te gaan.
's Middags gaan we naar de dam in aanbouw. Het grootste project ter wereld. In 1993 is men hier aan begonnen en eind dit jaar is het klaar en eind 2009 zal alles onder water staan. Vijf enorme sluizen komen er en het duurt twee uur om er door te komen. Zes maanden lang is er geen scheepvaart mogelijk op de rivier. Het is erg de moeite waard om dit te zien.
Als we weer terug zijn, gaan we naar een echt café. We zien er hier verschillende en dat is voor het eerst in China. Met handen en voeten weet men ons te vertellen dat men hier alleen kan drinken en niet kan eten en als wij ze wijs kunnen maken, dat dat nou net is wat we willen, mogen we naar binnen en kunnen we gaan zitten. De markt in YichangErg aardige mensen. We eten in het restaurant bij het hotel. We krijgen een kaart in het Chinees en in het Engels, maar er staan geen prijzen bij. We zien wel. We krijgen teveel groente volgens ons en andere gerechten zijn niet wat we besteld hebben. Maar het smaakt allemaal uitstekend en de prijs valt mee. De kip met cashewnoten wil maar niet lukken. We bestellen het overal. Soms zegt men dat men het niet heeft en vandaag krijgen we er gewoon wat anders voor in de plaats. We zien wel overal cashewnoten op de markt, dus het zou geen probleem mogen zijn. Het was warm vandaag. 's Avonds in ieder geval een stuk warmer dan gisterenavond. Wij zijn overal het bekijken waard. Vooral in het restaurant kijkt iedereen voortdurend naar ons: wat we bestellen, hoe we eten. Grappig om te zien. Ook hier spreken de mensen geen Engels, ondanks het Engels op de kaart, maar met het woordenboekje en handen en voeten komen we een heel eind.

Zondag 29-9 Naar Wuhan

We ontbijten bij dezelfde mevrouw als gisteren met weer zo'n kom noedels. Ook hier kijkt iedereen die langs komt ons stomverbaasd aan. Sommige kijken, al verder lopend, wel tien keer om. Alsof ze hun ogen niet kunnen geloven. Er komt een Chinese mevrouw bij ons aan tafel zitten. Merken we dat we wel goed eten, maar niet slurpen. Veel mensen eten op straat; er wordt weinig thuis gekookt.
We halen broodjes voor de lunch in de bus naar Wuhan, vierhonderd kilometer verderop. De bus vertrekt om 11:00 uur. Het landschap is saai en het weer nog steeds mooi. De snelweg wordt met de hand aangeveegd en de vangrail afgestoft. Hoe hou je mensen aan het werk. In Wuhan brengt een kleiner busje ons naar de juiste wijk (voor hetzelfde geld) en dan nemen we een taxi naar het hotel. We lopen een rondje om het hotel en zien geen kroegjes. Dus gaan we maar meteen eten. En dat is opnieuw een feest. Een beter restaurant vol met Chinezen. In de hele stad trouwens geen toerist gezien. We krijgen dan ook een kaart alleen in het Chinees en het personeel spreekt ook alleen Chinees. Geweldig. Wel zijn er twee Chinese klanten die een heel klein beetje Engels spreken en die ons komen 'helpen'. Met het bestellen noemen we alleen varken, kip, vis en groente en we wachten maar af wat we krijgen. We krijgen totaal andere gerechten dan we tot nu toe hebben gegeten: kip met kastanjes, varkensvlees in een 'hotpot', groente met knoflook die eruit ziet als kousenband en de vis is een soort paling. Het smaakt allemaal fantastisch. We genieten. En het personeel en de andere gasten trouwens ook. 125 yuan voor vier personen inclusief bier. Daarna kopen we nog wat broodjes voor morgenochtend en die verkopers hebben ook nog wat om over te praten. Per stel willen we het in een zakje en iedereen begrijpt iedereen ook al spreken we niet dezelfde taal. Ze moeten er wel om lachen.

Maandag 30-9 Naar Kunming

Het vliegtuig naar Kunming vertrekt al om 8:00 uur, zodat we vroeg op moeten. De stoelplaatsen zijn erg klein. Martijn past er alleen overdwars in. En dat kan, omdat de enige lege stoel in het vliegtuig net naast ons is. Alles gaat voorspoedig, alleen de bus die ons naar het vliegtuig brengt is in de wasstraat geweest en ze hebben de raampjes inclusief het dakraam open laten staan. De bagage is er al voordat we bij de band zijn. Dat gaat nog eens snel. Zoals gewoonlijk proppen we ons met z'n vieren en alle bagage in een taxi. Alleen nu past het echt niet; de auto is te klein, maar ze zijn hier wel goedkoop.
Het weer is hier anders: bewolkt en het regent. Gelukkig geen wind en echt koud is het ook niet. 't Is wel weer even wennen aan een jas. We lopen de stad in en gaan eerst op zoek naar de markt waar we tweeënhalf jaar geleden zo lekker hebben gegeten. En er is niks veranderd. Zelfs de bakker op de hoek verkoopt nog steeds dezelfde broodjes. We wandelen nog wat verder en komen op een andere markt uit. De groente en het fruit ziet allemaal goed uit. Veel variatie. De beestjes zijn minder: kleine kaal geplukte levende vogels die zo in de hete soep gaan. Ook dit is weer even wennen. Hoewel, ik denk niet dat we dat ooit doen, daaraan wennen. Kunming is duidelijk westerser dan Wuhan, Yichang en Chongqing. Veel meer luxe winkels, veel meer keus, duidelijk ingesteld op toeristen, die we echter niet zien. We herkennen regelmatig bekende plekjes. We lunchen in een klein restaurant waar het erg druk is. Alleen een Chinese kaart en een niet verstaanbare Engels sprekende mevrouw. Lia gaat de tafels maar eens langs en wijst ergens wat aan: noedels en groente. Lekker met gratis thee. Gele zakdoekjes deze keer. Op veel plaatsen is de wc-rol vervangen door kleine gekleurde pakjes met servetjes erin. We hebben al groene en blauwe en nu dus gele. Op de terugweg naar het hotel kopen we wat yoghurt. Veel fietsers dragen poncho's in allerlei kleuren, wat een mooi gezicht is. Er zijn hier weer erg veel fietsers. Het verkeer blijft wennen. Men stopt voor verkeerslichten, maar daar is het dan ook mee gezegd. Men zwabbert van de ene baan naar de andere zonder op of om te kijken. Vaak moeten de andere auto's daarvoor uitwijken. Elkaar voorrang geven is er niet bij. Men sluit op een kruispunt snel aan bij de vorige auto en ze komen regelmatig midden op de weg stil te staan, zodat niemand er door kan. Want als er eenmaal ook maar iemand door gaat, is dat meteen een hele stroom, want achter die ene auto sluit de rest ook meteen snel aan. Tot daar weer een gaatje valt. Grappige verkeerslichten met secondetellers die laten zien hoe lang het nog rood of groen blijft. Fietsers en voetgangers zijn vogelvrij. Een auto zal daar echt niet voor stoppen. Ook als het verkeerslicht op groen staat, moet je uitkijken, want auto's die afslaan mogen doorrijden en die doen dat dan ook. Van fietsers en bromkarretjes met licht hebben ze nog nooit gehoord. Als we in de bar van het hotel zitten, ziet Gerda dat er een boodschap is ingesproken. Die blijkt van Wim en we bellen hem terug. Hij staat op het punt van vertrekken en zullen hem morgen in Hanoi ontmoeten.
We gaan op de markt eten, want het is ondertussen droog geworden. We hebben een tafeltje dat half op straat staat. De mannen gaan wat uitzoeken in de grote vitrine en we krijgen een fonduepan met groente en vlees, kleine gefrituurde visjes, champignons met boontjes en varkensvlees met groente. Weer anders dan tot nu toe, maar alweer smaakt het voortreffelijk. Biertje erbij. Kosten 54 yuan met z'n vieren = € 6,40. Geweldig dat je je voor zo'n bedrag vol kunt eten.

Dinsdag 1-10 Naar Hanoi (Vietnam)

Vandaag vliegen we naar Hanoi in Vietnam. Het hotel heeft een gratis busdienst naar het vliegveld. Is dat even makkelijk. We reserveren bij de balie vier plaatsen voor 12:30 uur. In een mum van tijd zijn we op het vliegveld waar we de eerste zijn met inchecken. Snel volgen hele busladingen, dus we treffen het. Een heel ruim vliegtuig deze keer en lekker eten. Niet die zoete broodjes in China, maar rijst met groente en vlees.
We worden alweer (onverwacht) opgehaald. BrommersWe komen uit het vliegtuig en lopen tegen een warme, vochtige muur. Het is droog, het einde van het regenseizoen, bewolkt en vochtig. Volgens de krant 28º warm en 80% vochtig. Hier moeten we even aan wennen. De reis blijft vol verrassingen. Snel wisselen we geld: we krijgen ruim drie miljoen dong voor US$ 200: 1 € = 15.000 dong.
We kijken vol interesse naar buiten en zien hopen rijstvelden met werkende mensen met die typische punthoeden die ze hier dragen. Zo'n 'non' is van bamboe en erg handig. Aan de binnenkant zitten twee lussen waar je een lint door kunt halen en onder je kin kunt vastmaken. Veel mensen dragen ze hier.
Hebben ze in China fietsen, hier hebben ze brommers. En veel meer dan er fietsen in China zijn. Het stikt er van. Honderdduizenden. In Hanoi terroriseren ze de straten. Er rijden weinig auto's in het centrum, brommers zijn dan ook veel sneller. Op kruispunten komen ze van alle kanten aanrijden. Het is een gefriemel en chaos tot en met. Alle regels, zo die er al zijn, worden gebroken. En dat dat allemaal goed gaat. Voor auto's gaan ze niet opzij en voor voetgangers helemaal niet. Veel mensen, vooral vrouwen, dragen stofkapjes of sjaaltjes om hun gezicht. Zonnebril en hoedje erbij en het lijken net gangsters. Er is alleen laagbouw, wat Hanoi een meer dorps karakter geeft. Het is wat kleurrijker dan het grijze China.
Wim zit ons op te wachten in het hotel. Hij is 's morgens volgens schema vanuit Amsterdam aangekomen. We zetten de bagage in de kamer en gaan naar een restaurant. We zitten buiten in een tuin onder een paar fans en laten grote glazen tapbier aanrukken. En dan zijn we voorlopig niet uitgepraat. Gezellig!
We eten er ook maar gelijk. Lia o.a. met echte Franse kaas. Heerlijk bij een stokbroodje. Een 'dure' avond deze keer: 770.000 dong (€ 50) met z'n vijven.

Woensdag 2-10 Naar Halong Baai

Martijn eet Vietnamees bij het ontbijt: een bak soep met glasnoedels met groente en vlees. De rest houdt het bij vers brood met eieren. Gewoon brood is weer eens lekker en lang geleden. Als toetje krijgen we drakenfruit: een grote roze vrucht met wit vruchtvlees met zwarte pitjes. Lekker.
Om 8:30 uur vertrekken we met een busje naar Halong Baai, zo'n honderdvijfentachtig kilometer verderop aan de kust. We zien onderweg veel brommers waar zelfs aparte rijbanen voor zijn. Ook staan er vreemd smalle huizen langs de kant die wel erg hoog en diep zijn. Blijkt dat men moet betalen voor de breedte van het pand. Onderweg stoppen we bij een bedrijfje waar gehandicapte kinderen werken: weven, borduren, schilderen. We kopen de Lonely Planet van Laos van januari 2002 voor maar US$ 7. Hij is nieuw maar niet helemaal in uitstekende staat. Sommige bladzijden moeten we lossnijden en de druk is soms niet goed. Maar alles is uitstekend te lezen en daar gaat het tenslotte om.
Halong BaaiWe hebben een hele grote boot voor ons vijven. Dat vinden we wel prettig. Er ligt een enorme hoop boten in de haven, een drukte van jewelste. Het is zonnig en warm en dat maakt het broeierig. Op de boot staat een heerlijk briesje, maar in de zon blijft het heet. Het is een prachtig gezicht al die rotsen die her en der langs de kust verspreid liggen. Grillige rotspunten die uit het water lijken op te stijgen, vele eilanden en baaien. Er zijn meer dan tweeduizend eilandjes. We genieten van het uitzicht. Onderweg lunchen we op de boot met inktvis, garnalen, groente en loempia's met dipsauzen en patatjes. Heerlijk. 's Middags bezoeken we een enorme druipsteengrot, die alleen over het water te bereiken is. Hij is heel groot en zo goed als uitgedruipt. 's Avonds gaan we voor anker in een baai bij een drijvend dorp: allemaal drijvers met daarop een hutje en honden. Ze liggen met een aantal met touwen aan elkaar, zodat je de buren naar je toe kunt trekken en over kunt stappen. Aan het eind van de middag is het wat bewolkt. Het diner bestaat uit kokkels, vis, kip, groente en varkensvlees. Erg lekker en alles gaat zo goed als op. Ook het bier, dat koud gehouden wordt in een grote koelbox en dat niet in ruime mate aanwezig is. Er legt een andere, grotere boot van dezelfde maatschappij naast ons aan. Men stelt voor dat wij op die grote boot gaan slapen, die is leeg, geen toeristen en men kan een stukje verderop varen en op een generator aansluiten, zodat we 's nachts een fan hebben. Daar zeggen we geen nee tegen. Bovendien hebben ze een enorme voorraad koud bier die we boven op het dek soldaat maken. We slapen in een kleine ruimte die alleen maar uit bed bestaat. We slapen prima. Door de fan horen we de generator niet en worden we niet zo klam. Want warm en vochtig is het nog steeds en er is amper wind.

Donderdag 3-10 Halong Baai, naar Hanoi

Om 5:30 uur wordt het licht en gaat de generator uit en daarmee ook de fan. We staan maar op en gaan boven op het dek zitten, waar een ietsepietsie wind staat. Even zal de zon schijnen, daarna trekt het dicht en valt er zelfs een spat regen. Erg warm blijft het, maar door het varen is er een bries. We gaan terug naar de oude boot waar we ontbijten met omelet en kaas. Hierna tuffen we weer verder en we blijven ons verbazen over de rotsformaties die aan alle kanten om ons heen staan. We voelen ons er heel nietig bij en het is heerlijk ontspannen. Ook de lunch is weer prima. Met het busje rijden we terug naar Hanoi en maken weer een stop bij het 'gehandicapte' bedrijfje om wat te drinken. Wij kopen een zijden kamerjas die aan twee kanten is te dragen en waarop aan een kant een grote draak is geborduurd (US$ 21).
Op weg naar de Parfum-pagodeHet is 's avonds hartstikke druk op straat. We worden helemaal gek van al die brommers en vooral van het getoeter. We zoeken een tentje waar we rustig kunnen eten. We hebben een adres uit een boek en gaan daar naar toe. Een trap op en boven is het stil; er is verder niemand. Het bier staat wel op de kaart, maar wordt ergens anders vandaan gehaald. We eten o.a. eend met ananas, gegrild varkensvlees, noedels, kip. Wel ieder voor zich en niet zoals in China alles voor iedereen in het midden. Smaakt prima en kost 340.000 dong (€ 23) voor vijf personen. Op de terugweg kopen we wat Vietnamese whisky en gaan bij Gerda en Carlo in hun penthouse lekker nakletsen. Ook de fles wodka die zij nog hadden uit de trein in Rusland gaat leeg.

Vrijdag 4-10 Hanoi

We hebben verschillende doelen vandaag: geld wisselen, postzegels en kaarten kopen, excursie naar de pagode voor morgen regelen, even naar het nieuwe hotel (twee straten verderop), camembert en fotobatterij kopen. Het spettert een beetje en we zien een heel erg donkere lucht aankomen. We gaan snel naar een cafeetje om wat te drinken, zodat we meteen kunnen schuilen. We zijn niks te vroeg en een gigantische hoosbui barst los. Het duurt een uurtje en dan is het over en schijnt de zon weer. We zijn erg bezweet, want het is erg vochtig en broeierig. Het valt ons op dat de Vietnamezen zelf niet zweten en er schoon en fris uitzien. Nog steeds veel brommers, al weten we nu wel hoe we het makkelijkst de straten over kunnen steken. Er zijn hier meer toeristen, dan dat we tot nu toe gezien hebben. En veel mensen spreken wat Engels, weliswaar moeilijk verstaanbaar, maar toch. We dwalen door de stad en doen alle boodschappen. Alleen de camembert lukt niet. Wel 's middags in een (toeristen)tentje waar we heerlijk verse broodjes eten. Of broodjes, broden liever gezegd, zo groot zijn ze en lekker knapperig. We nemen allemaal wat anders en alles is even lekker: heerlijk eens een gewoon broodje met bekend beleg.
We dachten dat Hanoi een wereldstad was met miljoenen inwoners, maar het is net een klein dorp. Als we 's middags in het andere hotel komen, weten ze daar al te vertellen, dat wij voor morgen een excursie hebben geboekt. We drinken een biertje aan het Hoan Kiem-meer. Het tap-Tiger-bier wordt speciaal door een juffrouw in een Tiger-jurkje gebracht. De mannen willen alleen nog maar Tiger-bier. We eten naast het hotel. Iedereen bestelt wat, maar we zetten het op z'n Chinees in het midden en pikken er met de stokjes dan wat uit.

Zaterdag 5-10 Hanoi, Parfum-pagode

Vroeg op voor de excursie naar de Parfum-pagode. De bus rijdt voor en men weet al te melden, dat wij eerst onze bagage naar het andere hotel willen brengen met het busje. Daar hadden we gisteren gevraagd of we die al zo vroeg kwijt konden.
RoeierHierna volgt een twee uur durende busrit (we hebben de excursie alleen met ons vijven geboekt) en zien van alles onderweg. Zo vroeg is het al erg druk met toeterende brommers. Op die brommers wordt van alles vervoerd: twee varkens, honderd kippen, vijf grote (lege) olievaten, vier jongens of twee volwassenen met drie kinderen, twintig vogelkooitjes met vogels. Sommige zijn hele winkeltjes. Veel mensen dragen een doekje voor hun gezicht en handschoenen. En dat met deze temperatuur. Het is vrijwel onbewolkt en het zal een hele warme, vochtige dag worden. Daar komen we wel achter. We stappen over in twee kleine boten en we worden geroeid. Men roeit hier vooruit in plaats van achteruit zoals bij ons. Het is prachtig mooi. In de verte het karstgebergte dat weerspiegelt in het water. Daarop bootjes met mensen met punthoeden. Veel groen, veel waterplanten. We genieten. Pet op, veel drinken, het is warm ..... Na twintig minuten komen we bij een tempel, Den Trinh, die we even bezoeken en varen dan weer verder. Parfum-pagode is niet één gebouw maar een complex van pagodes en boeddhistische heiligdommen. Aan het begin staat de Thien Tru-pagode. De weg er achter gaat naar de grotpagode (1675), de eigenlijke Parfum-pagode. In twee uur stijgen we tweehonderdtachtig meter, een aanslag op ons lichaam. Veel trappen, allemaal ongelijk, warm, warm, maar vooral vochtig. We hebben veel last van het weer. Als we boven komen, zijn we helemaal doorweekt en hebben geen droge draad meer aan ons lijf. In de grot is het wat koeler en staan we alle vijf te dampen. BrommersEr is een grote druipsteengrot en wonderlijke rotsformaties. In de grot staan de beelden van de koning, koningin, prinses en vele boeddhavoorstellingen. Er wordt veel wierook gebrand: iedereen die wat te wensen heeft, komt hier naar toe om te bidden. Naar beneden gaat een stuk makkelijker en in de boot terug zitten we in de zon en drogen we geleidelijk op. Er wordt op een fooi aangedrongen en we zijn daar erg verbaasd over. Dat is niet gebruikelijk in deze streek.
Om 18:00 uur komen we in het hotel aan waar de groep van Koning Aap (achttien personen totaal) inmiddels is gearriveerd. We krijgen wat te drinken en Geert, de Belgische reisbegeleider, vertelt het een en ander. We zitten op de hoogste verdieping van het hotel: vierennegentig treden en een lift is er niet. Dus denken we wel twee keer na voor we de kamer verlaten of we alles hebben.
Met z'n vijven gaan we eten op de hoek van Hang Dieu en Bat Dan en zitten half op straat tussen de Vietnamezen. We bestellen allemaal verschillende schotels die weer anders van smaak zijn. Kosten 188.000 dong. Het wordt steeds goedkoper.

Zondag 6-10 Hanoi

Het heeft flink geregend 's nachts en 's ochtends is het 'frisjes'. Wat wij gewend zijn tenminste. We gaan eerst naar de Dong Xuan markt, waar het erg druk zou moeten zijn. Mooi niet dus. Veel gebruiksvoorwerpen, weinig voedsel wat wij altijd het leukst vinden. We dwalen verder door de straten waarvan de trottoirs wel breed zijn, maar waarvan de helft bedoeld is als brommerparkeerplaats, die dan ook helemaal vol staat. Op de andere helft stalt men z'n waren uit en blijft er een smal paadje in het midden over waar ze zelf gaan zitten. Passanten moeten dus over straat waar al die brommers rijden. We kunnen er nog steeds niet over uit hoeveel er hier rijden en in wat voor chaos. Naast de brommers zijn er volgeladen fietsers, fietsbejaks en mensen met manden aan een juk, die er heel erg zwaar uitzien. Men verkoopt van alles.
We gaan bij de spoorlijn kijken die dwars door een straat rijdt; de huizen staan er een paar meter vandaan. Op dat moment komt er net een trein aan en worden de bomen met de hand de weg op getrokken. Lekker etenOok hier probeert iedereen er nog net op het laatste moment door heen te kruipen. Met een oorverdovend geloei en gefluit rijdt de trein voorbij. Voor de rest doen we niet veel: we slenteren door de straten, bekijken winkeltjes, eten een broodje, kopen twee T shirts voor 20.000 dong per stuk (€ 1,30). Geen geld, zeker niet voor die ene waarop een draak is geborduurd. Nou is de kwaliteit echter ook niet alles. De vraagprijs is altijd in dollars, maar daar kun je bijna niet mee afdongen, zoals we het hier noemen. En wij bieden dus in dongen, wat overigens nooit een probleem is.
Als 's middags de zon probeert door te breken, wordt het meteen een stuk warmer. We drinken op hetzelfde terras als gisteren tap-Tiger-bier en we eten in hetzelfde restaurant als gisteren. We bestellen andere gerechten, iets meer en wel dezelfde lekkere makreel als gisteren, maar dan twee porties. Het koude bier is wat lastiger en van ons favoriete merk (Laure) zijn er maar vijf koud en we gaan over op de Tiger en de Han noi. Voor morgen bestellen we alvast tien koude Laures en hot pot. We zullen zien. Er wordt weer volop geklaagd dat we dit niet nog vijf weken kunnen volhouden. Wat hebben we het slecht...

Maandag 7-10 Hanoi

We dwalen vandaag de hele morgen door de oude stad. We hebben een wandeling die we zo'n beetje volgen. We komen o.a. bij de Ngoc Son Tempel waar een enorme opgezette schildpad ligt, die tweehonderdvijftig kilo weegt en in 1968 in het meer werd aangetroffen. Schildpad is vaak het symbool voor Vietnam.
Waar we ook komen, elke minuut vraagt er wel iemand: kaarten kopen, plattegrond, schoenen poetsen, fruit kopen, fietstaxi. De meeste zijn weg als we nee zeggen. Sommige zijn wat hardnekkiger. We kijken al dagen uit naar Franse kaas en sigaren, die blijkbaar nergens te koop zijn. Als we het de mensen vragen, weten ze totaal niet waar we het over hebben. Overal waar een koelkast staat, gluren we naar binnen. Als we op het punt staan om naar het hotel terug te keren, zien we een bordje met supermarkt. Toch nog een laatste keer kijken. En jawel, verschillende soorten camembert, port salut en nog een paar anderen. Wel duur, maar dat mag de pret niet drukken. We zoeken er wat toastjes bij en een paar biertjes. Dat wordt het toetje voor vanavond! We eten weer bij 'ons' restaurant wat zo erg goed bevalt: lekker eten, geen toeristen, druk, aardige mensen. Nu gaan we hotpotten en bestellen een gemengde schotel: vlees, vis en groente. We krijgen een grote pot bouillon en een paar netjes. Af en toe gooien we er wat in en dan vissen maar. Heerlijk.

Dinsdag 8-10 Naar Sa Pa

Even na zevenen vertrekken we met een grote, nieuwe luxe bus naar Sa Pa, een dorp in het noordwesten aan de voet van de Phon Si Pang, de hoogste berg van Vietnam (3.143 meter). Het is het gebied van de minderheden, wat eigenlijk ons hoofddoel is voor deze reis. Het wordt een lange dag. De weg is slecht en deze bus is wel mooi, maar totaal ongeschikt voor deze weg. Hij is te groot en de vering te slap. We hobbelen verschrikkelijk en stuiteren regelmatig een eind de lucht in. We worden door jan en alleman voorbij gereden. We hadden beter met jeepjes of kleine busjes kunnen gaan. Het landschap is prachtig, mooi weer, strak blauwe lucht, warm. Er staat veel rijst op de velden (drie oogsten per jaar) en er wordt druk gewerkt. Er loopt van alles op de weg: mensen, koeien al dan niet met aanhangwagen, honden, kippen, varkens, fietsers en brommers die midden op de weg rijden. De bus toetert zich suf om zich een weg te banen. Zonder getoeter gaat er niets opzij. We stoppen een paar keer en hoe verder we komen hoe meer mensen met traditionele kleding we zien. Ze zien er prachtig uit. Het duurt allemaal wat langer dan gepland, vind je het gek met zo'n bus, en om 18:30 uur beginnen we aan de klim naar Sa Pa, dat op 1.500 meter ligt. Men is volop bezig aan de weg en halverwege is een brug helemaal afgesloten. Er staan al een paar auto's te wachten en bij navraag blijkt dat we pas om 21:00 uur door mogen: anderhalf uur wachten dus. Balen. Gelukkig hebben we nog te drinken, wat crackers en kaas. Buiten is het frisjes, we zitten op 700 meter, maar het is wel helder en we zien een schitterende sterrenhemel. Het oponthoud duurt korter dan gepland en om 20:15 uur wordt er gefloten en kunnen we verder. De weg is erg slecht en we hobbelen verder in het donker.

Woensdag 9-10 Sa Pa

Dao-vrouwHmong-vrouwEen ontspannen dag in Sa Pa. Het is nog steeds stralend weer en ons hotel heet niet voor niets Mountain View. We ontbijten buiten met uitzicht op de bergen. Hierna gaan we naar de markt. Het is elke dag markt, maar de 'echte' is pas zaterdag als er allerlei etnische volkeren uit de omgeving hier naar toe komen. Nu is er alleen een aantal Zwarte Hmong-mensen en een enkele Rode Dao. Ze zien er prachtig uit met allerlei sieraden, grote zilveren oorringen, armbanden en halskettingen, en kleurige doeken. De Zwarte Hmong dragen donkerblauwe, geborduurde kleding en de vrouwen zien er veel mooier uit dan de mannen. Ze hebben een broek met daarover overgooiers van verschillende lengte en een brede band om hun middel. Ze dragen een donkerblauwe band om het hoofd waar hun lange haar in zit gedraaid. Om hun benen dragen ze wikkels die met veters worden vastgebonden. De rode Dao dragen knalrode lappen met kwastjes op hun hoofd en rode gewaden. Veel kleine kinderen zie je met een nog kleiner broertje of zusje op de rug. Het zijn allemaal kleine mensen en zelfs Lia met haar 1.66 meter voelt zich groot.
Ze willen ons van alles verkopen, maar we kunnen niet van iedereen wat kopen. We dwalen een paar uur rond en houden vervolgens siësta. Het eten doen we weer op z'n Chinees: we bestellen van alles wat en zetten dat in het midden neer. Zoals altijd smaakt het ons uitstekend.

Donderdag 10-10 Wandeling omgeving Sa Pa

Eerst ontbijten we op het terras met o.a. een broodje Franse paté en omelet met tomaat en ui en pannenkoeken.
Vandaag starten we de tweedaagse wandeling We konden ons opgeven voor een makkelijke of een moeilijke. Wij vijven kiezen eensgezind voor de moeilijke samen met Philippe, Jan, Antoinette, Jos en Geert. Met een busje gaan we naar Tavan, waar we eerst het schooltje bezoeken. Van hieruit lopen we dertien kilometer dwars door de rijstvelden, over smalle dijken, heuvel op, heuvel af. Wandeling bij Sa PaHet is een fantastisch landschap en de zon werkt daar ook aan mee. We zitten aan het eind van de regentijd, maar we moeten er niet aan denken dit pad te lopen als het regent. Nu al hebben we moeite met steile stukken naar beneden. Veel mensen zijn met de rijst bezig en er zijn dan ook veel rijstterrassen. Er zijn verschillende manieren om de korrels uit de aren te verwijderen. Sommige slaan ze er uit, anderen hebben een trapmachientje. We stoppen regelmatig bij een dorpje of een enkel huis. Het eerste dorpje is een Hmong-dorpje, waar we even binnen in een huis mogen kijken. Het volgende dorp is van de Rode Dao's. Vooral de rode, hoe kan het ook anders, doeken op hun hoofd zijn prachtig. Ze willen alleen niet allemaal op de foto. De kinderen dragen mooie mutsjes die versierd zijn met kraaltjes, schelpen, munten en kwastjes. Wij zouden er wel zo een willen kopen, maar alleen geborduurde mutsje worden verkocht, dus zonder franjes. En die willen we niet. Het is prachtig mooi wandelen, wel erg vermoeiend (het is warm en zonnig), maar dat hoort er bij. Gerda en Carlo haken na de lunch, die eigenlijk te laat komt, af. We krijgen broodjes met paté waarvan we de koriander verwijderen, broodjes met kaas, tomaat en komkommer, banaan, appel en sinaasappel. Gerda heeft last van zwabberende knieën en loopt niet prettig. Van hieruit kunnen ze, samen met een toevallig passerende Hmong-vrouw een half uur omhoog lopen, waar ze bij de weg komen, waar ze een pick-up of brommer naar Sa Pa kunnen regelen. Jammer.
We overnachten in Seo Trung Ho, een groot huis met een aantal tweepersoonsbedden. Voor de rest hebben we matjes meegenomen en slaapzakken. Op een tafel staat een teiltje met water, wat blikjes fris en zowaar een paar biertjes. We nemen een fles water en twee blikjes bier. Dat hebben we wel verdiend. De rest gaat nog even verder naar een waterval, maar wij houden het voor gezien. We hebben genoeg gelopen en als we ook nog gaan zwemmen, zijn we bang dat we niet meer warm worden. Als de zon weg is, koelt het meteen sterk af. Het waait ook wat, zodat we snel een droog T shirt en een trui aantrekken en onze pijpen aanritsen. We krijgen prima te eten: allemaal verschillende gerechtjes. Goed 20:00 uur zit men al te wachten tot we gaan slapen. De meeste plaatselijke mensen slapen al en staan dan ook vroeg op. Hmong-vrouwWe maken ons bed op en dat blijkt wel erg hard. We krijgen een extra dikke deken die we onder ons leggen en dan is het goed te doen. Vroeg naar bed dus. Geeft niet, want we zijn moe. Buiten is een prachtige sterrenhemel met de melkweg te zien.

Vrijdag 11-10 Wandeling omgeving Sa Pa

De hanen zijn hier wel erg vroeg. Het is nog hartstikke donker als ze beginnen te kraaien. We ontbijten met bananenbeignets met chocolade saus en pannenkoeken.
Het eerste uur wandelen gaat alleen maar omhoog. Zweten, want het is alweer een stralende dag. Wat dat betreft, mogen we niet mopperen, want het had net zo goed kunnen regenen in deze tijd van het jaar. We stijgen zo'n driehonderd meter en het gaat steil omhoog en is dus erg vermoeiend. Daarna lopen we een heel stuk redelijk vlak en dan komt de afdaling. Lia is blij met haar stok, die ze alleen maar meegenomen had voor als ze last van haar knieën zou krijgen. Maar nu komt hij ook goed van pas. Sommige stukken zijn erg steil, maar op veel plaatsen liggen stenen of graspolletjes, zodat je makkelijker loopt. Ook dit is erg vermoeiend: je moet voortdurend opletten waar je je voeten zet, anders glijd je zo een heel stuk naar beneden. We lunchen met warm gestoomde broodjes met kaas en tomaat en een flinke bak met noedelsoep. We gaan nog even zwemmen en Lia gaat niet mee. Ze heeft geen behoefte om te voelen hoe koud het water is. En koud is het. Ze gaat bij het huis zitten en krijgt van alles aangeboden: sticky-rice, bananen en thee. Daarna moeten we nog ruim een uur omhoog lopen. We hebben het allemaal gehad, maar ja, we moeten wel. Bovenaan staan twee Russische jeeps klaar die ons in een uur terug rijden naar Sa Pa. Na het douchen (we zijn nog nat en bezweet als we aankomen), zitten Gerda en Carlo ons met koud bier op te wachten. De rest van de avond wordt er verteld, gegeten en gedronken.

Zaterdag 12-10 Naar Can Cau, Bac Ha

De markt in Can CauTwintig kilometer ten noorden van Bac Ha (tachtig kilometer van Sa Pa) wordt op zaterdag in Can Cau markt gehouden. We vertrekken vanaf het hotel 's morgens om 6:00 uur en dan zouden we zo'n beetje om 10:00 uur op de markt zijn. Mooi niet dus. Door die slome bus doen we er bijna twee uur langer over. Belachelijk dat we het daar mee moeten doen. Vlak voor Bac Ha is de weg weer eens afgesloten en zijn er bulldozers aan het werk. Het ziet er ernstig uit, maar vijf minuten later kunnen we al weer verder. Het passeren op deze smalle, bochtige bergwegen is moeilijk en vaak millimeterwerk. Om 11:45 uur komen we op de markt aan, die nog volop bezig is, al zijn er al wel mensen die alweer vertrekken. Mensen uit allerlei omringende dorpen komen hier naar toe. Er zijn veel verschillende bevolkingsgroepen: Dzao, Hmong, Phu La, Giay (Nhang), Tai, Han (Hoa), Xa Fang, Lachi, Nung, Thulao, Kinh. Verrassend weinig toeristen. Naast onze groep zien we er misschien vijf. De mensen zijn in één woord geweldig! De meeste mensen dragen de traditionele kleding en elk volk heeft zijn eigen kleuren en patronen. Ze zijn erg kleurrijk, met name de vrouwen en kinderen. Ze dragen geen hoedjes, maar doeken op hun hoofd. En ze laten zich gewillig fotograferen. Ze vinden het allemaal best en doen net of ze ons niet zien. Als we toestemming vragen is het bijna altijd goed. En ze vinden het prachtig om zichzelf op de video terug te zien. Er is een aparte dierenafdeling. De hele markt is niet afgestemd op toeristen: er is bijvoorbeeld geen water en cola te koop en men dringt ons ook niets op en we kunnen overal rustig kijken. We gaan bij een stalletje noedels eten en de andere leden van de groep verbazen zich er over dat wij dat durven. Maar het smaakt prima en we hebben nog nergens last gehad van het eten en zullen het ook hier niet krijgen. We krijgen allemaal een bak met bouillon en verse noedels waarin we zelf groente, peper en zout toevoegen. Iedereen komt nieuwsgierig naar ons kijken: toeristen die op de markt eten! Mannen roken hier grote pijpen, bamboe van een centimeter of tien breed en wel een halve meter lang met een pijpje in het midden waar een klein plukje tabak in past. Een diepe teug en hij is weer leeg. Vandaag zijn er zowaar wat wolken te zien en 's middags is het deels bewolkt, hoewel het aan het eind van de dag weer helder wordt.De markt in Can Cau
In Bac Ha zitten we in een hotel in het 'centrum'. Als we buiten voor onze deur zitten, kijken we op het marktplein waar morgen de weekmarkt zal plaatsvinden. Nu is er een kleine markt en we lopen er even overheen. Veel vrouwen in klederdracht zitten er te borduren. Een stel van de groep ging vanochtend niet mee naar de markt. Geen zin. We kunnen het nauwelijks geloven, want dit is voor ons een van de hoogtepunten van de reis. Hier doen wij het voor!
We eten 's avonds buiten bij een restaurant. Eerst drinken we een Tiger-bier, want onder die doppen kan een verrassing zitten met als hoofdprijs een landrover. Vooral Carlo heeft er geluk mee: die heeft al een pen, en sleutelhanger in Sa Pa ingewisseld en heeft nu weer een aansteker en nog een sleutelhanger. Hier verwijzen ze ons naar Hanoi (!) om ze in te wisselen. We schrijven onze bestelling voor het eten op een lijst en daar zijn ze duidelijk erg blij mee. We bestellen dan ook veel, twee schotels per persoon, maar we eten alles op. Het is wederom voortreffelijk en het kost niets: het eten is slechts 8.200 dong (€ 5,5) met z'n allen. Het bier is wat duurder…

Zondag 13-10 Bac Ha, naar Hekou (China)

Goed 7:00 uur zitten we al buiten om de eerste voorbereidselen van de markt gade te slaan. Veel mensen met manden komen aan lopen en zelfs kleine kinderen dragen hun deel. Soms is er ruzie, wat waarschijnlijk om de beste plek gaat. Het dichtst bij ons hotel is de beestenmarkt. Varkens komen overal vandaan: achter op de brommer, uit draagtassen, uit plastic zakken. En een gegil! Maar ja, dat zouden wij ook doen als je bij een oor uit een zak wordt getrokken. We gaan buiten ontbijten waar we mooi uitzicht hebben op de mensen die naar de markt komen. Vooral de vrouwen zijn prachtig. Kleine meisjes gaan vaak identiek gekleed aan hun moeder. De mannen hebben wel iets van een klederdracht, maar die is altijd donkerblauw. Hele kleine baby's dragen een geborduurd mutsje met belletjes, kraaltjes en munten. We kopen er een, maar die is stukken minder mooi. De mooiste zijn niet te koop. Kleding is wel overal te koop. Overal hangen rokken, schorten, bloezen, sjaals en linten. Er zijn ook veel stalletjes met borduurgaren in allerlei heldere kleuren. Jonge meisjes lopen mooi te zijn; dit is tevens een soort huwelijksmarkt: kijken en bekeken worden. We dwalen een paar uur over de markt en genieten volop. Ook is er een afdeling sterke drank. Vrouwen verkopen die uit jerrycans aan mannen die even mogen proeven uit de dop en als het bevalt wordt er met behulp van een trechter een fles of kan gevuld. Het ruikt knap sterk. Na het eten vertrekken we naar Lao Cai, de grensplaats met China. Wim's gele briefje, dat hij bij binnenkomst in Vietnam heeft gekregen, is zoek (hij was het binnen een halve dag al kwijt) en moet een 'bekeuring' betalen van 100.000 dong (€ 6,50). Hij moet een nieuw briefje invullen en mag dan verder. Vervolgens moeten we een paar uur wachten voordat we de paspoorten terugkrijgen. Ondertussen kun je je bagage laten checken. Wij doen dat niet want er is toch geen controle op en het stelt helemaal niets voor. Eindelijk kunnen we verder en lopen we over de brug China in en moeten we weer door de douane en dat duurt ook zo lang bij iede