| Inhoudsopgave |
|---|
| Reisverslag Panama - Costa Rica - Nicaragua - Honduras - Guatemala 2001 |
| Boca del Toro |
| Fortuna |
| Ometepe |
| León |
| Roatán |
| Copán |
| Reisverslag, alle pagina's |
Pagina 3 van 7
Vrijdag 13-7 Fortuna, Caño NegroWe ontbijten met stokbrood met mieren, kaas en komkommer.
Om 7:30 uur rijdt een busje voor. Een groot luxe busje waar we maar met z'n vieren in zitten. Eerst stoppen we bij een rivier waar een grote krokodil ligt. Vervolgens naar de plaats waar we gisteren ook geweest zijn met de leguanen. Er liggen er nu nog veel meer: tientallen. Prachtig. We rijden langs sinaasappelboomgaarden, papayabomen en natuurlijk bananenbomen. Overal waar je kijkt is het groen. Soms bloemen en planten met gekleurde bladeren.
In Caño Negro stapt er nog een passagier aan boord, een Nederlander. Met z'n vijven krijgen we een boot voor vijftig man. Zo kunnen we makkelijk verhuizen naar de andere kant van de boot en weer terug. Door de kleine groep is er ook niet zo'n herrie aan boord, wat bevorderlijk is voor het zicht en de 'doorlooptijd'. Bovendien is het weer ideaal: droog en bewolkt. We varen rustig over de rivier die zo'n vijftien-twintig meter breed is. De schipper en onze gids zien alles en vertellen er veel bij. Veel dieren blijven rustig zitten als we dichterbij komen. Alleen de ijsvogeltjes zijn snel weg. Met een vrouwtjes-'emarald basilisk', ook Jezus Christ genoemd, nemen we de proef op de som en inderdaad: zij kan over water lopen. Sommige dieren zien we amper, zelfs als ze maar een meter van ons af zitten. Zoals de kleine vleermuisjes (vier centimeter) en de lepelbekreiger. We zien o.a. krokodillen, basilisken, luiaarden, toekans, ijsvogels, ooievaars, aalscholvers, reigers, kaaimannen, witte ibissen, jacana's, kapucijnerapen, slingerapen, brulapen, tijgerreigers, vlinders, lepelbekreigers, vleermuisjes, grote vissen en tal van kleine, gekleurde vogeltjes.
Na een poosje varen we een hele smalle vaart in waardoor halve bomen in de boot komen te liggen. We komen op een veel weidser water met veel waterplanten en - dieren in het midden van het water. Dit is een ondergelopen gebied waar alleen in de regentijd genoeg water staat. Bij een stuk met veel gras gaan we picknicken: warme nasi, salade, taco-ships en ananas toe. Drankjes erbij (die kregen we 's morgens ook al in de boot met koekjes). Het is prima geregeld. Hierna varen we terug naar het beginpunt. We vonden het erg de moeite waard en hebben er zeker geen spijt van.
Na terugkomst in het hotel gaan we even zwemmen en bubbelen en later gaan we het dorp in. Martijn kijkt naar T shirts, maar die zijn wel erg duur (ƒ 30). Als we wat rondlopen, herkennen we ineens het hotel van zes jaar geleden.
Bij ons hotel is een soort dakterras met uitzicht op de Arenal. Wij gaan hier zitten en denken niet dat we de top te zien krijgen: het is erg donker.
We horen steeds omroepwagens langs komen. Volgens ons speelt Costa Rica binnenkort tegen Honduras voor de 'Copa Americana'. Vanavond dus. In elk restaurant staat minstens een tv aan waar voetbal op te zien is. Waar wij gaan eten, restaurant Neme, ook. Het is er de helft zo goedkoop als gisteren en net zo lekker.
Zaterdag 14-7 Naar Rincón de la Vieja N.P.
De hele nacht hebben we buien gehoord. 's Morgens regent het zo nu en dan. En dan ook meteen goed hard. 's Middags wordt het zonnig en erg warm. Uitzicht op de Arenal kunnen we wel vergeten. We zien hem nu helemaal niet meer. Zelfs de voet niet. Vandaag rijden we naar Rincón de la Vieja N.P.. In Liberia eten we lekker vers stokbrood van de bakker met ham en sardientjes en een bak met yoghurt. Iris heeft de chauffeur naar het ziekenhuis gebracht, waar later nader onderzoek wordt gedaan. Iris rijdt ons de laatste twintig kilometer over een slechte weg.
Als we terugkomen, halen we een biertje bij het restaurant dat we voor onze kamer opdrinken. 's Avonds eten we erg goed. Iris heeft een paar dagen geleden een mail gestuurd (als geintje) met 'wij komen eraan en we willen dat en dat eten'. De kok heeft alles gedaan alleen de chocoladetaart moet nog gebakken worden. We krijgen heerlijk mals vlees met een verrukkelijke saus met rijst, aardappelpuree en twee salades. Als toetje warme gebakken banaan in een sausje. Tot goed tien uur tafelen we na.
Zondag 15-7 Rincón de la Vieja N.P.
Samen met Menke willen we naar de top van de vulkaan. Bij de ingang van het park zit een grote witte gier met een knalrode kop in de bomen. Wel ver weg, maar toch. We horen dat het pad niet goed en niet slecht is. Wij vinden het prima. Bovenaan is het een beetje drassig, maar voor de rest prima te lopen. Wel veel stenen en nog veel meer wortels. Het pad gaat de hele weg omhoog en we zien langzamerhand de vegetatie veranderen. Al met al stijgen we zo'n zevenhonderd meter (van achthonderd naar vijftienhonderd meter). Als we op de splitsing staan naar de top, er zijn twee paden, roepen we in koor dat we zo'n mazzel hebben: het weer is prima, droog, de zon schijnt, maar in het oerwoud lopen we in de schaduw en er is een windje. De top is mooi te zien. We besluiten om even een appeltje te eten en dan de laatste zeventienhonderd meter te lopen. Als het appeltje op is, is de berg in de mist verdwenen. Dat gaat wel heel erg snel hier. We waren al gewaarschuwd om in dat geval terug te keren en dat doen we dan maar.
Het eten is 's avonds weer erg goed: kip met rijst en een groenteprutje en salade.
Het heeft hier al een hele tijd niet geregend en het is zo droog, dat men de tuin aan het sproeien is. En dat in het regenseizoen. Vorige keer waren we in het droge seizoen en toen hebben we alleen maar door de regen en modder gelopen. Voor ons is dit de eerste hele droge dag, maar tot nu toe mogen we helemaal niet mopperen en valt ons de regen reuze mee. Alleen af en toe een bui.
Maandag 16-7 Naar Ometepe (Nicaragua)
Vandaag gaan we naar Nicaragua. Eerst naar de grote weg en dan naar de grens. We stoppen in Santa Cruz voor een lunch en we picknicken met prachtig uitzicht over de Caribische Oceaan. Hierna gaan we naar de grens. Als het tegen zit (of eigenlijk niet mee zit), zullen we er ongeveer vier uur overdoen. Iris deelt hier en daar wat geld uit (dat sowieso moet, omdat je de grens anders helemaal niet overkomt) en mag overal voor gaan. Ze mag alles voor de hele groep regelen (dat schijnt af te hangen van de mensen die er zitten) en binnen de kortste keren staat ze weer buiten, waar nog steeds een grote rij staat. We moeten een stukje de grens overlopen en ook bij de Nicaraguaanse kant gaat het zo snel, dat de bus er nog niet is. Iris gaat bellen en weet meteen te regelen, dat we straks een boot eerder kunnen nemen naar het eiland Ometepe. Wel lekker want dat scheelt weer een uur.
Aan de grens wisselen we alle colones in voor cordoba's en nog wat extra dollars. Het kleine geld zal de rest van de reis een probleem worden. Ze hebben briefjes van 200, 100, 50, 20 en 10, munten van 5, 1, en 0,50 en kleine briefjes van 25, 10, 5, en 1 centavos. 1 Cordoba is ƒ 0,20 en een briefje van 1 centavos is dus maar ƒ 0,002. Cordoba's worden in de volksmond ook wel peso's genoemd.
We eten in het hotel en zien dat de prijzen nog lager zijn dan in Panama en Costa Rica. Wat dat betreft reizen we wel goed: van westers naar indiaans, van 'duur' naar steeds goedkoper, van veel tot praktisch geen klein geld. Pinnen is vanaf hier niet meer mogelijk.
Alweer een droge dag. Half bewolkt, wel altijd warm en overal muggen en steekvliegen. We krijgen steeds meer al dan niet etterende bulten.






